Inhoudsopgave
    

Als meten een obsessie wordt
Anouk Vleugels
door Anouk Vleugels
leestijd: 5 min

Fitness-apps en calorieëntellers lijken een positieve ontwikkeling: altijd een personal trainer in je broekzak. Maar wat als de cijfers gaan regeren en het meten van je prestaties een obsessie wordt?

Mijn vriend had zin in onze vakantie naar Valencia. Omdat het een zonovergoten stad is met prima paellarestaurants, zeker, maar vooral ook om het buitensporige aantal voetstappen dat hij zou gaan zetten – stappen die zijn Fitbit zou registeren en delen met al zijn Fitbit-dragende collega's, die hij dan weer kon aftroeven met spectaculaire wandelrecords. En toen, op dag drie, ging het batterijtje stuk. Zijn wandellust was op slag verdwenen. Waarom immers de blaren op je voeten lopen, als de stappen toch niet worden gemeten? Een dag niet gemeten, is een dag niet geleefd.

Self-tracking apps kunnen leuk en handig zijn, maar wat als je als gebruiker doorslaat in je meetobsessie? Dat het tracken van je gezondheid of sportprestaties een doel op zich wordt, en je op een bepaald moment geleefd wordt door de getallen? Eén van de bekendste gevallen is de Amerikaanse Alexandra Carmichael, die tot 2013 directeur was van Quantified Self. Na anderhalf jaar maar liefst veertig metingen per dag te verrichten, besluit ze in 2010 radicaal te stoppen. Op haar blog beschrijft ze hoe meten een bron werd van zelfhaat: "Een halve kilo erbij vandaag? Je bent dik. Teveel vetten binnengekregen? Je bent de controle kwijt. Een keertje hardlopen overgeslagen? Je bent lui." Natuurlijk is Carmichael een uitzondering: er zijn genoeg self-trackers die prima maat kunnen houden. Maar toch is de manier waarop self-tracking apps ontwikkeld zijn – altijd maar stimuleren tot nóg meer afvallen, harder rennen of productiever werken - niet voor iedereen geschikt.

Onnodige risico's

Ook voormalig wielrenner en journalist Thijs Zonneveld kent de verleiding van de getallen. Sinds twee jaar gebruikt hij Strava, een mobiele app voor sporters. Tijdens een stukje hardlopen of fietsen meet Strava je tijd, snelheid en hoogtemeters, en wordt je route geregistreerd via GPS. Je resultaten kan je vergelijken met andere gebruikers. En daar zit ook de valkuil. Zonneveld: "Alles wordt een wedstrijdje. Toen ik in 2007 stopte met profwielrennen was ik blij dat ik weer voor mijn plezier kon fietsen – bewust heb ik alle metertjes van mijn fiets gehaald. Maar toen was daar Strava, en kwam die competitiedrang weer keihard terug. Zat ik ineens overal achter de kommetjes aan." Met een 'kommetje' bedoelt hij 'King Of the Mountain,' de titel die de snelste fietser op een bepaalde route ontvangt. De meest prestigieuze KOM is te halen op Het Kopje van Bloemendaal, maar die staat momenteel op naam van wielrenner Derck Abel Beckeringh. "Die is met zes man naar Bloemendaal gegaan. Eén iemand heeft het gebied afgezet, en de rest heeft hem aangetrokken of op het eind nog een duwtje gegeven. Om maar aan te geven hoe serieus zo'n record genomen wordt."

Strava drijft zijn gebruikers dus tot het uiterste, en op zich is dat prima. Behalve wanneer fietsers zo verblind raken door te halen records, dat ze onnodige risico's nemen. Zonneveld zet om die reden de app uit zodra hij een stad binnenrijdt.

"Het is gewoon te verleidelijk. Als je de kans krijgt om een KOM neer te zetten op een route in de stad, neem je het niet zo nauw met rode stoplichten. En dan is het einde zoek." In Nederland ging het tot nu toe altijd nog goed, maar Strava werd in de Verenigde Staten al eens aangeklaagd naar aanleiding van een dodelijk verkeersongeval. Een fietser botste op een auto in de stad Berkeley, in een poging zijn KOM terug te winnen op zijn concurrent. De zaak werd verworpen door het Amerikaanse gerechtshof op basis van het "inherente risico" dat fietsen met zich meebrengt.

Calorieën tellen

Waar de fietsfanaat een paar rode lichten negeert in een race tegen Strava, verliest een ander zich in het gevecht tegen de kilo's. Apps als Myfitnesspal of FatSecret, waarmee de exacte calorie-inname kan worden gevolgd, zijn bedoeld als steun tijdens het afvallen. Maar voor mensen die gevoelig zijn voor het ontwikkelen van een eetstoornis, is calorieën tellen juist iets waarin ze kunnen doorslaan. Op de website FitDutchies bekennen verscheidene gebruikers dat het tracken van calorieën met Myfitnesspal dwangmatig werd. En op het forum van FatSecret schrijft gebruiker Mhorst03 dat hij zichzelf als doel gesteld heeft "niet boven de 1200 kcal per dag uit te komen". Behoorlijk verontrustend, als je weet dat een volwassen man 2500 calorieën per dag nodig heeft.

Beeld: Lumina

De Australische socioloog Deborah Lupton doet momenteel onderzoek naar self-tracking fitness apps, waarvoor ze veel gebruikers interviewde. Ook zij herkent de verhalen van obsessie en verslaving. "Veel mensen vertellen me dat self-tracking een gevoel van controle geeft, wat ze als prettig ervaren. Tot het moment dat het tracken een verslaving op zich wordt – iets waar ze dus juist geen controle over hebben." Wat maakt het gebruik van zulke apps zo verslavend? "Gebruikers raken gewend aan bepaalde beloningen, of dat nou een bemoedigend berichtje van je app is of steun vanuit de community, en kunnen er niet meer zonder. Vergelijk het met dwangmatig je telefoon checken: de gewoonte ontstaat onbewust, maar is vervolgens lastig om weer af te leren."

Verkeerd verdienmodel

Maarten den Braber is medeoprichter van Quantified Self Europe en QS Amsterdam. Hij denkt dat de oplossing vooral ligt in het veranderen van verdienmodellen. "Al deze apps zijn ontwikkeld met als voornaamste doel: geld verdienen. Dus de makers zijn er bij gebaat als jij die app zo lang mogelijk gebruikt. Nóg harder rennen, nóg meer afvallen. Maar of dat ook in jouw eigen voordeel is, is zeer de vraag. Ik geloof dat in veel gevallen – bijvoorbeeld als je wil afvallen – het veel beter is om je gewicht een bepaalde periode te tracken, en daarna weer te stoppen." Hij verwacht dat zulke apps er wel gaan komen. "Uiteindelijk zullen er self-tracking toepassingen worden ontwikkeld waarbij het individu en zijn gezondheid centraal staan, bijvoorbeeld in opdracht van de zorg."

Wat kun je zelf doen om een meetobsessie te vermijden? Lupton: "Luister naar mensen in je directe omgeving." Het zijn vaak de familieleden of vrienden die als eerste aan de bel trekken, neem dat serieus, ook als je vindt dat er niets mis is met je meetgedrag. Zelf kun je dat namelijk minder goed beoordelen."

Auteur

Anouk Vleugels (@anoukvleugels) is drie jaar hoofdredacteur geweest van het populair-wetenschappelijke blad United Academics Magazine, waar ze zich heeft begeven in de wondere wereld van wetenschap en technologie. Die interesse die is blijven hangen, en als freelance journalist schrijft Anouk over technologie, media en alles wat daar tussenin gebeurt.