Inhoudsopgave
    

Zo ziet Nederland eruit als de olie op is
Ingeborg van Lieshout
door Ingeborg van Lieshout
leestijd: 6 min

H+N+S Landschapsarchitecten laat zien hoe ons leven er in het post-fossiele landschap uit ziet. Van megabatterijen in het landschap tot belasting op milieuonvriendelijke producten.

Waar gaat het met Nederland naartoe als de olie op is? De politiek en instituten werken aan toekomstscenario's waar wij nauwelijks wat van weten of snappen, laat staan dat we ons ermee bemoeien. Terwijl wij in dat land moeten leven. Post-fossiel Nederland gaat ons allemaal aan. Landschapsarchitectenbureau H+N+S sprong in het gat en laat ons niet alleen lezen maar vooral zien wat ons te wachten staat. Ons nieuwe Nederland is angstaanjagend anders en prachtig tegelijk.

We hebben problemen, dat is duidelijk als je het boek Landschap en Energie (kWh/m2) leest. Het boek maakt deel uit van de nog tot 24 augustus durende Internationale Architectuur Biennale Rotterdam. Een Nederland dat draait op duurzame energie ziet er heel anders uit dan één met fossiele brandstof als basis. Energie kan niet langer in olie- of gasleidingen onder de grond worden weggestopt. En waar slaat een land waar het niet altijd zonnig is haar zonne- en windenergie op? Want we willen ook als het regent de was kunnen doen; het zogeheten balanceringsvraagstuk. "Meest opzienbarende ontdekking is dat dit vraagstuk op Europese schaal moet worden opgelost", schrijft Nikol Dietz van H+N+S Landschapsarchitecten. "Landsgrenzen zijn niet relevant, regionale samenwerking is de sleutel. Elke Europese regio heeft eigen potenties voor hernieuwbare energie. Opslaan van die energie kan in Nederland voor onze eigen behoeften onvoldoende. Dat kan wel goed in de stuwmeren in Scandinavië. Vanuit Noord-Nederland ligt al een elektriciteitslijn naar Noorwegen, waardoor het Noorden een goede plek is voor windmolens."

Minder transport

Hoe ziet de energiemarkt waar wij in handelen er straks uit? Op de huidige energiemarkt verkopen landen met toevallig veel grondstoffen hun olie, kolen en gas aan andere landen, die die grondstoffen verbranden. Werken we bij een omschakeling naar regionale kracht veel meer samen? "Straks wordt er juist minder energie getransporteerd en opgeslagen", aldus Jasper Hugtenburg, mede-auteur van het boek. "Wat er verhandeld wordt, gebeurt vooral op een andere manier. Nu worden massa's steenkolen over de wereld gesleept en in havens opgeslagen voordat we er elektriciteit van maken, voor olie geldt ongeveer hetzelfde. Eén van de voordelen van hernieuwbare energie is dat het veel homogener over de wereld verspreid is. Elke regio kan voor een groot deel in zijn eigen energiebehoefte voorzien, al zal de ene regio dat beter met wind kunnen doen en de andere met aardwarmte. Dat scheelt in eerste instantie vooral transport."

Impressie ‘duurzame stadswijk’ (2020): tijdelijk energielandschap voor en door de buurt. Beeld: H+N+S
Impressie ‘duurzame stadswijk’ (2020): tijdelijk energielandschap voor en door de buurt.

Hernieuwbare energiebronnen zoals windenergie en aardwarmte produceren energie die we meteen kunnen gebruiken, zoals elektriciteit en warmte. Maar het opslaan daarvan kost veel meer ruimte dan het opslaan van bijvoorbeeld olie, dat hele hoge energiedichtheid heeft. Bovendien is er van bijvoorbeeld windenergie geen 'voorraad' waar je naar behoefte wat uit kunt halen, je bent afhankelijk van het windaanbod. Datzelfde geldt voor zonne-energie. Het zal dus steeds belangrijker worden dat we met name elektriciteit goed kunnen opslaan en transporteren. Als het in Nederland niet waait, dan schijnt ergens anders misschien wel wat meer zon dan nodig. Het op continentale schaal uitwisselen van energie zal zo steeds belangrijker worden.

Verbinden met een valmeer in de Alpen

Dan het opslaan. Elektriciteit zelf is dus moeilijk in grote hoeveelheden op te slaan, maar je kunt een overschot aan elektriciteit wel gebruiken om water ergens een berg op te pompen. Wanneer je op een windstille, bewolkte dag die elektriciteit nodig hebt, kun je de krachten die bij het laten leeglopen van zo'n stuwmeer vrijkomen gebruiken om elektriciteit op te wekken. Zie het als een megabatterij. Voor dit valmeer-systeem heb je hoogteverschillen nodig, dus dit werkt het beste in berggebieden. Maar H+N+S heeft een Nederlandse variant bedacht, die ik verderop bespreek.

Hugtenburg: "Deze gebieden moeten dan wel weer verbonden worden met de gebieden waar de elektriciteit wordt opgewekt en gebruikt. Het zal kortom steeds belangrijker worden dat niet alleen landen maar vooral regio's goed met elkaar verbonden zijn via een energienetwerk. Ons huidige energienetwerk is daarvoor nog lang niet geschikt. Naast alle bottom-up-initiatieven is top-down-planning absoluut onmisbaar." Een belangrijk punt waarbij de overheid nodig is, hoewel diezelfde overheid nu al achter de feiten aan loopt. Het beleidsplan Energietransitie dat Nederland in 2020 volledig over wil hebben op duurzame energiebronnen, blijkt onhaalbaar. Dietz: "Baanbrekend aan het boek is het besef dat energietransitie rond 2050 mogelijk is, maar dat we 2020 zeker niet gaan halen. De politiek vastgelegde energietransitie kan in 2050 voor een groot deel hebben plaatsgevonden, maar ook dan niet helemaal waar zijn. Biomassa zullen we deels blijven importeren."

Impressie ‘agro-energiecluster’ (2035): glastuinbouwcomplexen met geïntegreerde energieopwekking uit zon en wind in het grootschalige Veenkoloniale landschap. Beeld: H+N+S
Impressie ‘agro-energiecluster’ (2035): glastuinbouwcomplexen met geïntegreerde energieopwekking uit zon en wind in het grootschalige Veenkoloniale landschap.

Bij een duurzamer Nederland hoort ook het besef dat er hobbels te nemen zijn. Twee van die hobbels: als eerste een verbod op lozing van warmte op ons oppervlaktewater. Alleen met dergelijke regelgeving is hergebruik van warmte uit water in een nog aan te leggen warmtenetwerk levensvatbaar. En dan is het belasten van aan producten toegevoegde koolstof nodig. Dat wil zeggen dat de prijs van koolstof doorberekend wordt in de prijs van een product waarvoor meer CO2 uitgestoten is. Dit laatste ligt politiek gevoelig. Ook wij consumenten moeten even slikken als het leven duurder wordt. Maar als we voor een goedkoop plastic product uit China moeten betalen wat het werkelijk kost, zou het lokaal gemaakte alternatief van duurzamer materiaal best eens goedkoper kunnen worden.

Aerodynamisch Dyson-afdruiprek

Gelukkig biedt H+N+S naast het signaleren van problemen ook oplossingen. Windmolens in het bos, een IKEA-catalogus met tafelverwarming, een aerodynamisch Dyson-afdruiprek, en een valmeer in ons platte land. Ook al hebben we geen bergen, in een open bruinkoolmijn zoals die in het Limburgse Heerlen is hoogteverschil te vinden. Met het hergebruik van die mijn laat H+N+S zien dat de plannen die het maakt voor de de toekomst, heel goed geënt kunnen zijn op het verleden. Anders gezegd: oude energielandschappen kunnen met hernieuwbare energie nieuw leven in worden geblazen. H+N+S toont met een pracht van een tekening hoe die Heerlense dagbouwmijn hergebruikt kan worden als valmeer om energie op te slaan. "Door water in de oude mijn te laten stromen kan elektriciteit worden opgewekt, net zoals een leeglopend stuwmeer. En omgekeerd, want als er een overschot een elektriciteit is dan kan de dagbouwmijn weer worden leeggepompt." Die afbeelding is Dietz' favoriete pagina uit het boek. Mijn favoriet is de Ikea-catalogus voor 2050. Maar er zijn nog veel meer mooie pagina's in het 417-zijdes tellende boek, zoals de fascinerende stromenschema's die onze energieverslaving blootleggen.

Wen er maar aan

"Iedereen krijgt onontkoombaar met energietransitie te maken", schrijft Dietz. "Het komt heel dichtbij, energie kan niet langer worden weggestopt onder de grond in olie- en gaspijpleidingen, of in het buitenland. Energieopwekking vindt steeds meer decentraal plaats, dus in de eigen stad, buurt, straat en woning, en daarmee in het zicht. Wen er maar aan."

Tegelijkertijd constateert rijksadviseur van het landschap Eric Luiten dat niemand de verantwoordelijkheid voor het landschap op zich neemt nu het Rijk die van zich afschuift. Wie gaat zich naast H+N+S dan bemoeien met hoe nieuwe energie in onze omgeving past? Wijzelf misschien?

Een Ikea-catalogus zoals die er volgens H+N+S in 2050 uit zou kunnen zien. Beeld: H+N+S
Een Ikea-catalogus zoals die er volgens H+N+S in 2050 uit zou kunnen zien.
Auteur

Ingeborg van Lieshout (@grnlghtdstrct) blogt als freelancer voor Bright.nl sinds de start in oktober 2005. Zij schrijft over haar eigen vakgebied - architectuur en stedenbouw - maar heeft zich ook bekwaamd in design en duurzaamheid. Naast Bright is ze als copywriter en communicatieadviseur actief voor onder meer Droog.