Inhoudsopgave
    

Designdenken kun je leren
Marijn van der Poll
door Marijn van der Poll
leestijd: 6 min

Tijdens zijn docentschap aan de Design Academy ontdekte ontwerper Marijn van der Poll dat er nauwelijks literatuur bestaat over conceptual thinking. Dus is hij die zelf gaan ontwikkelen. De eerste cursus gaat komende week van start.

Iedereen in dit land onder de 70 jaar is opgegroeid zonder oorlog en armoede. Sinds in de jaren 60 de eerste tekenen van zingeving zichtbaar werden is de zoektocht naar betekenis nooit meer verdwenen. Er zijn talloze artikelen geschreven over de toenemende vorm van entitlement, het recht hebben op. Joel Stein schreef voor de Time magazine in 2013 een inspirerend stuk over de huidige generatie, de millennials, en hoe deze is geëvolueerd uit de generaties die eraan voorafgingen. Waar onze grootouders bezig waren in fabrieken in een zesdaagse werkweek zetten wij ons gezin voorop en gaan terug naar vier.

Ons leren en werken is gebaseerd op de industriële revolutie als we Ken Robinson mogen geloven. Er is iets voor te zeggen. Er zijn veel parallellen tussen een lopende band in een fabriek en het schoolsysteem. Het is strak georganiseerd in klassen waar een standaard lesformaat is. Er wordt gefocust op het aanleren van kennis die vervolgens wordt getest op het kunnen herhalen ervan. Creativiteit en intuïtie zijn bijzaken. Creativiteit is een ongrijpbaar talent dat je hebt of niet hebt. Toch bezitten we allemaal het vermogen om creatief en inventief te denken. Het wordt simpelweg niet onderwezen, ondersteund en gevoed gedurende de pakweg twintig jaar dat we worden opgeleid.

Are you experienced?

Vervolgens worden we gekatapulteerd in de realiteit van onze eerste baan en geconfronteerd met de realiteit. Die is organisch en vraagt juist om creativiteit en om het kunnen omgaan met problemen. Producten zijn niet langer alleen objecten die functie hebben. Ze zijn niet langer one-size-fits-all zoals de eerste T-Ford die je in elke kleur kon krijgen zolang het maar zwart was. Inmiddels kun je bij vrijwel elk product of dienst kiezen uit tientallen opties die worden aangeboden via verschillende kanalen. Online, offline, fysieke producten, virtuele diensten, het zijn allemaal producten waarbij de ervaring centraal staat.

We begonnen ooit in een economie die gedomineerd werd door productie, zeg maar tot de jaren 40. Daarna volgde de consumptiemaatschappij, waarin je opa zijn eerste auto kocht en een grote koelkast. Wat volgde was de service-economie, waarin we als klein land groot zouden worden door kennis als product te gebruiken en inmiddels is het de experience, de ervaring die centraal staat.

Geen schuld

Je zou bijna denken dat je kunt wachten op de volgende verschijning, maar net als bij generaties evolueren ook de economische trends. Het model dat al eeuwen functioneerde, ging over de kop in 2008. De cyclische beweging werd onderbroken en niet hersteld. We zijn ons ook op sociaal vlak aan het heroriënteren, kijk naar de zorg en de pensioenen. Alles om ons heen heeft betekenis en die veranderd. Het zijn niet langer de handige formules en economische zekerheden die een houvast bieden.

Dus zijn we op zoek naar het in kaart brengen en kunnen gebruiken van betekenis en ervaring in ons werk, in onze producten en in ons leven. We zijn slecht in het herkennen van deze ervaringen, omdat we er simpelweg niet voor zijn opgeleid. Het is dus niet onze schuld. We hebben het allemaal wel ooit gekund trouwens. Ieder vier jaar oud kind kan de meest prachtige indianenforten bouwen. Het verleert het simpelweg en de plek wordt ingenomen door feitelijke kennis en toetsbare stof. Er is echter licht aan de einde van de tunnel.

Patroonherkenning

Sinds de jaren 90 is er in Nederland een stroming ontstaan waarin intuïtie en betekenis centraal staan. Conceptual Design is een manier van ontwerpen waarin alles moet wijken voor het concept. De praktijk wordt er pas later bij gehaald en op deze manier kunnen betekenisvolle producten en diensten ontstaan. Deze manier van denken is niet Nederlands, getuige het aantal buitenlandse ontwerpers dat de afgelopen twee decennia bij labels als Droog hebben gepresenteerd. Het is ook niet exclusief een vorm van werken voor designers. Conceptual Thinking is het herkennen van patronen. Het is een vorm van designdenken. Je originele gedachten en intuïtie sturen in een bepaalde richting.

Eén van de redenen waarom creativiteit vaak wordt geassocieerd met een mystiek talent is omdat men het moeilijk vindt om vanuit niets iets te scheppen. Het vergt oefening om voor een wit vel te zitten en een origineel idee te visualiseren. Het witte vel moet je weggooien. Je moet een kader scheppen. Door je kennis en ervaring in intuïtie op projecten en producten los te laten, kom je tot nieuwe inzichten.

1500 individuele borstels

Een tandenborstel is een product dat in een fabriek in een volume van ongeveer 27 duizend per 24 uur wordt geproduceerd. Het is gemaakt uit PP en PS en heeft ongeveer 1500 individuele borstels. Ze kosten 8 cent, wegen 20 gram en zijn 19 cm lang. Maar als ik mensen vervolgens vraag wat een ding is dat ongeveer 17 kilo weegt, drieduizend dollar per jaar kost en voornamelijk uit water bestaat, en na enige stilte vertel dat het hun 4-jarige zoon of dochter is, vindt men dat dikwijls (terecht) confronterend.

Door de cijfertjes en de requirements opzij te leggen en af te gaan op je levenservaring en gesprekken met bijvoorbeeld je buurvrouw. Zo wordt een tandenborstel ineens een ding dat een eigen leven leidt. Misschien was het wel een impulsaankoop of sprak de kleur aan. Misschien krijgt hij wel een tweede leven als gereedschap om een brommer mee schoon te maken. Waar de huidige methodes voornamelijk op het niveau van ingrediënten en elementen als prijs en maakbaarheid focussen wordt de wereld waarin het product of de dienst zich bevindt niet meegenomen. Door feiten en cijfers gelijkwaardig te maken aan betekenis kan er brug worden geslagen tussen de industriële revolutie en de ervaringseconomie van nu.

Auteur

Marijn van der Poll is van huis uit industrieel ontwerper. Hij ontwierp de Do Hit stoel die de wereld over ging en in vele toonaangevend musea is tentoongesteld. Hij is docent aan de Design Academy en was in 2010 curator van de Dutch Design Week. In 2012 begon hij zijn onderzoek aan de Universiteit van Nebraska naar Conceptual Thinking en helpt met zijn platform de Oyster Imperative bedrijven en individuen met het toepassen van de door hem ontwikkelde vorm van designdenken.