Inhoudsopgave
    

Google als hardwarebedrijf: wordt alles nu anders?
Floris Poort
door Floris Poort
leestijd: 6 min

Google presenteerde deze week zijn eerste echte eigen smartphone. Is de Pixel het omslagpunt en gaat Google nu voor het Apple-model? En waarom kiest 'het nieuwe Google' voor deze koers?

Android is uitgegroeid tot ’s werelds grootste besturingssysteem voor telefoons en tablets door de verdeling die Google tot nu toe maakte. Google ontwikkelt Android, partners maken telefoons in alle prijsklassen en mogen Android gratis gebruiken. De afgelopen jaren bracht Google zijn Nexus-toestellen uit, maar die werden voor relatief lage prijzen en in relatief kleine oplage verkocht. Volgens Google was Nexus vooral bedoeld als referentie voor andere Android-makers.

De Pixel en Pixel XL die Google dinsdag presenteerde zijn van een heel andere orde. Zo zijn het telefoons zonder compromis: de nieuwste chips, de beste camera’s, en een design dat behoorlijk aan de iPhone doet denken. Bovendien zijn de toestellen volledig door Google ontworpen. Ze worden door HTC geproduceerd, maar het Taiwanese bedrijf heeft verder geen hand in het ontwerp van het toestel. Dat was met de Nexus-toestellen wel anders. Toen maakten bedrijven als HTC, LG en Huawei voorstellen en koos Google daar een geschikte kandidaat uit, waar zowel de logo’s van Google als de fabrikant op prijkten.

Met de Pixel begeeft Google zich in het vaarwater van Apple, dat al sinds jaar en dag zowel zijn eigen software en hardware ontwikkelt. Daarmee zijn ook de schappelijke prijzen van de Nexus-lijn verleden tijd. De Pixel en Pixel XL zijn ongeveer even duur als nieuwe iPhones en Samsung Galaxy-toestellen, met prijzen van 759 tot ruim 1000 euro.

Reclame vs. hardware

Dat is misschien even slikken voor de Nexus-fan, maar daar lijkt Google met zijn Pixel niet per se op te mikken. Het is juist die Galaxy en iPhone-gebruiker die Google wil aantrekken; tijdens de presentatie van de Pixel viel het woord ‘Apple’ verschillende keren. De gemiddelde iPhone-gebruiker is winstgevender dan de gemiddelde Android-gebruiker. iOS-gebruikers geven 2,5 keer meer uit aan in-app-aankopen, en iOS-apps leveren gemiddeld 4 keer meer op dan dezelfde app op Android, schreef collega Merijn Doggen eerder deze week al.

Die aankopen zijn een behoorlijke vetpot voor Apple, dat dertig procent pakt op alle softwareverkopen op iOS. Tel daarbij op dat Apple ook nog eens heel aardig verdient aan elke verkochte iPhone en je begrijpt waarom dit model voor Google boeiend is.

Google verdient nog steeds vooral via reclames, maar ziet die markt de komende jaren mogelijk krimpen, juist door de richting die Android op gaat. Naast de Pixel was kunstmatige intelligentie Google Assistant tijdens Googles presentatie het paradepaardje. Maar als gebruikers steeds meer aan hun telefoon vragen en daarmee de zoekmachine omzeilen, zien ze ook Googles advertenties niet.

Bovendien verdient Google nu al relatief helemaal niet zoveel aan zijn advertenties op Android. Hoewel Android al jaren veel groter is dan iOS, waren Google-advertenties pas in 2015 voor het eerst winstgevender op Android dan op iOS, met een kleine marge. De verdiensten per reclame waren op iOS toen logischerwijs alsnog groter.

Waarom alles gratis doen?

Door nu een eigen premium-smartphone voor een premiumprijs op de markt te brengen, volgt Google op zijn eigen manier het Steve Jobs-credo "Skate to where the puck is going to be, not where it has been". En die puck gaat volgens Google naar telefoons en slimme speakers als Google Home, die steeds beter weten wat je gaat doen of wat je wil hebben en het zoekwerk wegnemen.

Dat trucje kan Google met zijn krachtige zoekalgoritmes en zelflerende AI als geen ander. Waarom zou je die technologie dan zomaar gratis met andere telefoonmakers delen, zeker als het ten koste gaat van de advertentie-inkomsten waar het Google met Android in de eerste plaats om te doen was? Dat doet Google dus ook niet. Google Assistant is alleen beschikbaar op de Pixels, niet op andere Android-toestellen. En dat is voor het eerst: tot nu toe was de onderscheidende factor van de Nexus-toetellen juist dat ze zonder opsmuk waren.

In elkaars vaarwater

Daarmee komt Google dus niet alleen in het vaarwater van Apple, maar zeker ook in dat van alle andere makers van Android-toestellen, met Samsung voorop. De Koreanen zijn al jaren 's werelds grootste smartphoneverkoper en behoorlijk afhankelijk van Android. Een ingewikkelde positie voor zowel Google als Samsung, en Google lijkt zich nu een beetje los te willen weken uit die situatie. Strikt genomen gaat Google met zijn nieuwe hardware-plannen dus meer de strijd aan met zijn Android-partners, dan met Apple.

Want het is niet voor het eerst dat Google head to head gaat met Apple. Tijdens Google I/O 2010 ging toenmalig Google-medewerker Vic Gundotra al los op Apple, dat volgens hem te gesloten was. Open was de enige weg zei Gundotra, toen in reactie op Apple dat weigerde Flash te ondersteunen. Inmiddels wordt Flash ook op Android al jaren niet meer ondersteund. Google concurreert al met Apple sinds Android bestaat, nu wordt die strijd alleen wat directer.

Grappig genoeg is Apple de laatste jaren een klein beetje opener geworden, en lijkt Google juist te kiezen voor een iets geslotener pad. De Nexus-lijn leverde niet het succes waar Google op hoopte, andere bedrijven maken zonder daarvoor te betalen goeie sier met het Android waar Google zo hard voor werkt.

Minder afhankelijk

Het ‘nieuwe Google’ kiest daarmee voor minder afhankelijkheid, en dat is de trend. Apple is al vrij onafhankelijk en Microsoft begon een paar jaar geleden al (met tot nu toe matig succes) met het maken van eigen hardware. Samsung lijkt zich op zijn beurt los te willen weken van Google; deze week kochten de Koreanen de slimme spraakassistent Viv, van hetzelfde bedrijf dat eerder al Siri aan Apple leverde. Ook heeft Samsung zijn eigen besturingssysteem Tizen achter de hand, al is het maar de vraag of het bedrijf Android durft in te ruilen voor dat systeem waar nauwelijks apps voor zijn. Android als kapstok voor uiteindelijk een eigen AI lijkt veel aannemelijker.

De trend is in ieder geval duidelijk: we gaan richting smartphones en hardware die steeds naadlozer samenwerken met hun software, en die kunstmatige intelligentie als onderscheidende factor gebruiken. Die omschrijving kun je prima op de Google Pixel plakken. Maar dus ook op de iPhone, op Windows met Cortana, op de plannen van Samsung en op de spraakhulp van Amazon.

Met deze zet zorgt Google ervoor dat het de boot niet mist naar die toekomstige markt. Misschien wordt de Pixel niet het verkoopsucces dat de toptoestellen van Apple en Samsung zijn, maar de toon is gezet: Google wil meer dan als ontwikkelaar van Android de tweede viool spelen. Pixel laat zich niet voor niets aanspreken met ‘Oké Google’.

Auteur

Floris Poort (@florispoort) begon twee jaar geleden als stagiair bij Bright. Hij bleef hangen en is inmiddels redacteur. Blogt vrijwel dagelijks op Bright.nl en bij Nu.nl. Houdt van alles met een batterij erin of stekker eraan.