Inhoudsopgave
    

De filosofie van rust
Floris Poort
door Floris Poort
leestijd: 6 min

Ontwerper Harald Dunnink, creative director van het digitale bureau Momkai, werkt al jaren volgens een simpele filosofie: rust. Nu heeft hij die designfilosofie ook op papier gezet.

Eerder dit jaar werd Harald Dunnink door het Amsterdamse Stedelijk Museum uitgenodigd een audiotour voor bezoekers te maken, uitgestippeld vanuit zijn eigen interesses. Dat leverde niet alleen een rondleiding door het museum voor moderne kunst op, maar hielp Dunnink ook om zijn eigen designfilosofie en daarmee die van zijn bureau Momkai strak in woorden te vatten.

De filosofie bestaat uit drie stappen. De basis, waarbij de ontwerper een podium maakt dat rust uitstraalt. Dat doet de ontwerper door het concept rond te maken, helderheid te creëren en context te geven.

Dan de aanpak, waarbij de ontwerper bewust tijd en geld steekt in de juiste zaken, zijn eigen kwaliteiten en inzicht beschermt en daarbij de gebruikers van het product koestert.

Daarna volgt de groei, waarin de ontwerper moet berusten in zijn rusteloosheid. Zeker digitaal ontwerp is nooit af, en dus moet de ontwerper oneindig bouwen, interactie omarmen en ongeremd creëren.

Hoe kom je van een museumtour tot je eigen designfilosofie?

"Wat ik in een museum vaak heb, is dat het gebouw voor vijftig procent bijdraagt aan de ervaring van in een museum zijn", zegt Dunnink, zittend in zijn rustige hoekkantoor van zijn ontwerpstudio. Een ruimte verderop werken ontwerpers en ontwikkelaars hard maar in stilte. De sfeer bij Momkai doet denken aan die van een bibliotheek of museum; rustig en stil maar niet statisch of leeg.

"Een museum is een optimaal podium voor de werken die daar tentoongesteld staan", vervolgt Dunnink. "In principe is dat hetzelfde wat ik altijd zoek in mijn werk: een podium voor anderen maken. Het ontwerp staat in dienst van het tentoongestelde, maar het mag er wel zijn. Bij het Stedelijk Museum is dat zo: sommigen vinden het ontwerp mooi, anderen lelijk maar het maakt wel een statement. Ik pleit niet voor flets design dat wegvalt."

Harald Dunnink tijdens een overleg
Harald Dunnink tijdens een overleg

Zie je die hang naar rust ook terug op andere plekken?

"Tijdens de presentatie van mijn audiotour vond ik het leuk om de architect van het museum te vragen, Mels Crouwel van Benthem Crouwel Architecten. Zij doen meer dan alleen musea. Ze geven juist vaak gebouwen in de publieke ruimte op een andere manier vorm: stations zoals Amsterdam Centraal, Rotterdam Centraal, Leiden, metrostations in Parijs, de wereld van Schiphol."

"Langlopende projecten die moeten werken voor iedereen. Bij een museum kan je nog zeggen: dat zijn mensen die geïnteresseerd zijn in kunst, er is automatisch al een soort van respect. Maar bij een station moet je gewoon je trein halen, je wil de weg niet kwijtraken, het moet helder zijn, je moet je veilig voelen. Dezelfde dienstbaarheid naar de gebruikerservaring zoals wij die ook voorstaan in ons digitale werk."

Hoe vertaalt zich dat naar het eigen werk van Momkai?

"Wij creëren een podium voor verhalen. Neem De Correspondent: het duidelijkste voorbeeld. Dat zijn verhalen die het verdienen om gelezen te worden en daar kan ik dan een optimale spotlight voor ontwerpen. Toen ik voor het Stedelijk Museum bezig was, merkte ik gaandeweg dat dat is waar ik altijd naar zoek: rust creëren zodat de ander zich alleen maar druk kan maken om de inhoud. Die hang naar rust spreekt tot de verbeelding van velen van ons, zeker binnen het digitale domein."

Waarom is die rust zo belangrijk?

"Toen ik voor het eerst met De Correspondent aan de slag ging, kreeg ik meer zicht op de kracht van het geschreven woord. Dat is allemaal makkelijk terug te lezen, terwijl ik over mijn ontwerpen vooral vaak vertel, hooguit in video's opgeslagen. Dus ik vond het heel leuk om mijn filosofie eens een keer op te schrijven, zodat het veel meer is uitgekristalliseerd, het makkelijker te delen is en op die manier een oproep aan andere ontwerpers kan zijn om zeker op digitaal gebied ruimtes van rust te creëren voor de gebruiker. Zelf moeten ze niet alleen accepteren dat hun werk altijd veranderlijk is en nooit stilstaat, maar die vernieuwing juist omarmen."

Is De Correspondent ontworpen met het oog op die constante vernieuwing en groei?

"Ja, maar we zitten nog maar op vijf procent van wat het moet worden. Een platform waarbij journalisten echt gespreksleiders zijn, en waarin duidelijk de dialoog met de lezer wordt aangegaan. We willen dat de journalist zijn eigen onderzoek met de lezer deelt, stap voor stap. Wat wij als designstudio willen doen is de journalist enerzijds de tools geven om gespreksleider te kunnen zijn. Anderzijds vragen we leden van de site niet om te reageren, maar om bij te dragen. Want je publiek zit tjokvol kennis."

Overleg over De Correspondent met Ernst-Jan Pfauth, Rob Wijnberg, Milou Klein Lankhorst, Harald Dunnink, Sebastian Kersten (vlnr).
Overleg over De Correspondent met Ernst-Jan Pfauth, Rob Wijnberg, Milou Klein Lankhorst, Harald Dunnink, Sebastian Kersten (vlnr).

"Daarvoor moet je profiel goed opgezet zijn, moet je mensen kunnen volgen, moet je artikelen kunnen delen die je interessant vindt, misschien niet alleen van De Correspondent maar ook van externe bronnen. Als je zulk soort functies kan inbouwen, dan kan je er voor zorgen dat er een onafhankelijk podium ontstaat waar het debat echt een plek krijgt."

Wat moet er nog gebeuren om dat te bereiken?

"Wat we zouden willen is dat correspondenten binnen het platform - Respondens -  waar we op bouwen veel meer de dialoog kunnen aangaan. Binnen het systeem hebben we publicatietools, je kan er in schrijven, communiceren, reageren. Maar ook de workflow van de redactie wordt erin opgezet: er gaat altijd eindredactie over stukken heen, er zit altijd beeldredactie bij."

"Als ik met Rob (Wijnberg, hoofdredacteur De Correspondent, red.) bespreek wat voor journalistiek hij wil bedrijven, vraag ik welke middelen hij daarbij nodig heeft. Dat kan in elk geval niet op een bestaand platform, niet op Wordpress of zo. Ik wil het papier ontwerpen, maar ook de pen. Dan weet ik zelf ook precies waar het papier en de pen staan. Dat systeem zijn we nu aan het maken. Het zou in de toekomst mogelijk ook voor andere publicaties gebruikt kunnen worden, dat is het streven."

Auteur

Floris Poort (@florispoort) begon twee jaar geleden als stagiair bij Bright. Hij bleef hangen en is inmiddels redacteur. Blogt vrijwel dagelijks op Bright.nl en bij Nu.nl. Houdt van alles met een batterij erin of stekker eraan.