Inhoudsopgave
    

Stemmen via internet: geen goed idee
door Herbert Blankesteijn
leestijd: 7 min

De politiek laat onderzoeken hoe burgers via internet zouden kunnen stemmen bij de verkiezingen. Binnenkort vindt weer een test plaats. Maar de nadelen zijn groter dan de voordelen.

De Nederlandse politiek heeft herhaaldelijk zijn wens tot stemmen via internet uitgesproken. Binnenkort volgt weer een test met internetstemmen voor Nederlanders in het buitenland, in aanloop naar de Tweede Kamerverkiezingen in maart. Maar de Kamerleden hebben hun huiswerk niet gemaakt, stelt journalist Herbert Blankesteijn, die een nieuwe boek over elektronisch stemmen heeft geschreven. "Hadden ze eens een rapport hierover gelezen, dan hadden de met deze test gemoeide kosten niet gemaakt hoeven worden."

De bewaren tegen internetstemmen zijn volgens hem niet weg te nemen: "Malware op de apparaten van de kiezers, aanvallen op de servers die de stemmen in ontvangst nemen en afwezigheid van het stemgeheim. Ook is stemmen via internet niet controleerbaar. Daarvoor is bij stemcomputers een paper trail het meest gangbaar: de kiezer krijgt een papiertje dat vermeldt waarop hij heeft gestemd. Dat stopt hij in een stembus, zodat zonodig de stemmen onafhankelijk kunnen worden herteld. Zo'n controlemogelijkheid is bij stemmen via internet niet te realiseren. Bij het insturen van een papieren stem per post bijvoorbeeld wel."

Hieronder volgt een fragment uit Blankesteijns boek 'Vertrouw ons nou maar' over stemcomputers (en internetstemmen), dat deze week is verschenen bij Boom Geschiedenis.

Duidelijke conclusies

Vanwege de herhaaldelijke roep vanuit de Tweede Kamer om de mogelijkheid tot internetstemmen te verkennen liet het kabinet in 2014 onderzoek doen door Verdonk, Klooster & Associates (Vka). Dit bureau bestudeerde ervaringen met online stemmen in een groot aantal landen, waaronder Australië, Estland, Frankrijk, India, Noorwegen, Zwitserland, Mexico, Nederland, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten. In de laatste vier werd online stemmen op het moment van de studie niet in de praktijk gebruikt, in de overige genoemde landen wel. Het rapport trok een aantal duidelijke conclusies:

- Online stemmen bevordert de opkomst niet: ‘Er is door diverse overheden en internationale onderzoeksorganisaties onderzoek gedaan naar het effect van internetstemmen op de opkomst. In geen van deze onderzoeken is een positieve correlatie vastgesteld: internetstemmen leidde niet tot een significant hogere opkomst ten opzichte van de doelgroepen of gebieden waar geen internetstemmen werd aangeboden.’

- Het maakt verkiezingen wel duurder: ‘Allereerst is internetstemmen steeds ingezet als nieuw alternatief naast de bestaande stemmethoden. [Er staan dus geen besparingen tegenover.] Ook indien de kosten per stem werden uitgerekend en vergeleken met de bestaande methode van stemmen bleek dat internetstemmen duurder was.’

- Internetstemmen kent duidelijke risico’s. Vka noemt er vijftien waaronder bijvoorbeeld chantage, het verkopen van de stem en het uitbrengen van meer dan één stem per kiezer. Zes daarvan worden als ‘groot’ aangemerkt. Daaronder: een niet-kiesgerechtigde zou een stem kunnen uitbrengen, manipulatie van een stem of van de uitslag is mogelijk, en het stemgeheim kan worden doorbroken. ‘Hierbij zijn de preventieve en correctieve maatregelen reeds meegewogen,’ noteren de onderzoekers. Het gaat dus om niet uit te roeien risico’s: ‘Het is [...] onmogelijk om vanuit de overheid de computer van de kiezer te beschermen tegen manipulatie. Deze manipulatie (in een scenario waarbij een aanvaller heimelijk malware heeft weten te installeren op de computer van de kiezer en daarmee de uitgebrachte stem wijzigt) is daarnaast ook bijzonder lastig te detecteren.’

- Een aantal van de door Korthals Altes gedefinieerde waarborgen kunnen bij online stemmen niet worden gehandhaafd. Gezien het vorige punt geldt dit voor de waarborg van de integriteit. Zoals bekend zijn stemgeheim en stemvrijheid ook niet te garanderen maar we weten, en ook Vka noteert dit, dat dat bij stemmen per post niet anders is.

- Vka waarschuwt daarnaast dat digitale dreigingen over het algemeen makkelijk op te schalen zijn, terwijl dat met papier niet kan:

In de vergelijking met briefstemmen geldt dat voor veel van de dreigingen rondom internetstemmen de vereiste kennis (en in sommige gevallen ook inspanning) om een dreiging te ontwikkelen weliswaar hoog is, maar de dreiging daarna tegen marginale meerkosten is toe te passen. De schaal waarop de dreiging kan plaatsvinden kan dan ook zeer groot zijn en wordt niet meer bepaald door de vereiste menselijke inzet of middelen. In zekere zin kan gesteld worden dat de dreiging dan geautomatiseerd is. Recente ontwikkelingen laten overigens zien dat er steeds minder specialistische kennis nodig is om deze dreigingen te kunnen uitvoeren; cybercriminelen verhuren kant-en-klare malware, virussen en ddos-capaciteit tegen steeds lagere kosten.

Voor Nederlanders in het buitenland

Om nog eens te benadrukken: dit onderzoek betrof internetstemmen voor kiezers in het buitenland. Als doekje voor het bloeden meldde Vka daarom nog: ‘De beperkte omvang van de doelgroep kiezers buiten Nederland verkleint het effect [van manipulatie].’ Maar dat is net zoiets als zeggen: ‘Het zijn de waterschappen maar.’ Vka begreep dat zelf erg goed: ‘Als het aantal kiezers fors stijgt, bijvoorbeeld als gevolg van de invoering van de permanente registratie, dan neemt het reële effect op de uitslag uiteraard toe.’ Na de eerdere constatering dat internetstemmen niet de opkomst verhoogt, geeft Vka hier tussen de regels door een suggestie hoe je wél iets aan die opkomst kunt doen. Een permanente registratie zou een hele hoop gedoe schelen, maar dus direct ook de risico’s van internetstemmen vanuit het buitenland groter maken.

Niet dat dit VVD-Kamerlid Joost Taverne op andere gedachten bracht. Nu.nl noteerde zijn reactie op 4 februari 2014. Het lijkt of hij online stemmen nu niet meer ziet als middel om opkomst te verhogen maar als doel op zichzelf: "In een reactie zegt VVD-Kamerlid Joost Taverne dat hij stemmen via internet voor burgers in het buitenland toch mogelijk wil maken. Het rapport toont volgens hem dat de nieuwe stemmethode ‘gecompliceerd, maar niet onmogelijk’ is, zo zegt hij in een reactie tegen Nutech. Volgens Taverne ontwikkelt de markt nu geen goede manier van internetstemmen, omdat het nog niet mag. Hij wil die ‘patstelling’ doorbreken. ‘Ik roep de minister van Binnenlandse Zaken op om, samen met mij, keihard te werken aan het wegnemen van de praktische belemmeringen die deze groep kiezers nu in de praktijk ondervindt. Daar moeten we nu mee beginnen, omdat het rapport ook vaststelt dat het mogelijk maken van internetstemmen een kwestie van de lange adem is.’

Minister Plasterk bleek daartoe bereid, zij het zuinigjes. Hij schreef, in een antwoord op Kamervragen van Taverne:

"Omtrent het stemmen per internet voor de kiezers in het buitenland heeft het kabinet in 2014 geoordeeld dat daar nu de tijd niet rijp voor is. Er kleven te veel risico’s aan deze vorm van stemmen. Risico’s die niet of in onvoldoende mate kunnen worden afgedekt. Daarnaast is het ook kostbaar, terwijl de financiële middelen erg schaars zijn. Echter de techniek blijft zich ontwikkelen. Het is daarom mogelijk dat in de toekomst het stemmen per internet voor deze groep kiezers wel betrouwbaar en kosteneffectief kan plaatsvinden."

Binnenkort: de test

In 2017 vindt een test plaats in een gesimuleerde verkiezing, waarbij een of meer op de markt beschikbare systemen worden gebruikt. De test zou eerst al in 2016 plaatsvinden, maar werd uitgesteld omdat er meer tijd nodig is voor de voorbereidingen. Ook ‘hackerstests’ zullen daar deel van uitmaken. Er komt een onderzoek naar het beperken van de risico’s aan de kant van de kiezer en een enquête onder Nederlanders die vanuit het buitenland mogen stemmen ‘om na te gaan welke mate van beveiliging deze kiezers nodig vinden om te stemmen per internet’.

Dat laatste zou inderdaad een mooi middel zijn om de kosten te drukken: kiezers vragen wat voor beveiliging zíj nodig vinden. Toch maar even de woorden herhalen van Svensson en Aarts van de Universiteit Twente: "Wanneer de meerderheid van de burgers aangeeft persoonlijk geen belasting te willen betalen, schaffen we de belasting ook niet af."

Het boek Vertrouw ons nou maar verscheen op 15 december 2016 bij Boom Geschiedenis.

(headerbeeld: Edwtie, creative commons)
Auteur