Inhoudsopgave
    

Kunst van online privacy-issues
Laurens Lammers
door Laurens Lammers
leestijd: 8 min

De Belgische mediakunstenaar Dries Depoorter maakt opvallende installaties met als onderwerpen privacy, online identiteit en surveillance. "Mijn installaties moeten vragen opwerpen."

In Nederland is hij nog tamelijk onbekend. Onterecht. De Belgische mediakunstenaar Dries Depoorter (26) heeft namelijk al een reeks opmerkelijke interactieve projecten op zijn naam staan. Daarbij nam hij deel aan tal van exposities en kunstmanifestaties in heel Nederland, waaronder het Fiber Festival, het IDFA Doclab, het Gogbot-festival en de Dutch Design-week. Zijn eerste interactieve media-installaties voor een groot publiek presenteerde hij al in 2013 in cultuurhuis De Brakke Grond in Amsterdam. Een goed overzicht van zijn werk biedt Depoorters eigen website, waarop alle projecten in chronologische volgorde onder elkaar staan. Grootste overeenkomst? De thema's privacy, online identiteit en surveillance, die in veel van Depoorters werken terugkeren. 

Dries Depoorter
Dries Depoorter

Eigen online privacy

Eén van zijn eerste kleine projecten, 24h Soundwave (2011) geheten, was een verkenning van zijn eigen privacygrenzen. Met een klein opname-apparaat nam Depoorter 24 uur lang zijn eigen gesprekken op. De opnames werden vervolgens als mp3-bestand op zijn website aangeboden. Een deel van de bestanden was echter zo privé dat ze alleen beluisterd konden worden tegen betaling. Na 24h Soundwave zou hij nog meer persoonlijke data op internet gooien. In zijn webproject genaamd Here konden bezoekers van zijn site hem dagelijks volgen aan de hand van zijn gps-gegevens op Google Streetview.

Voor het project Screenshot a day maakte hij verder een softwareprogrammaatje dat gedurende een maand dagelijks op een willekeurig tijdstip een screenshot maakte van zijn computerscherm en dit automatisch op zijn accounts op Twitter en Facebook en op zijn website plaatste. Een ander klein privacyproject was Copy-Memory, waarmee hij tweets maakte van dingen die hij op zijn computer kopieerde.

Trojan Offices
Trojan Offices

Installaties

Afgelopen jaren realiseerde Depoorter echter vooral installaties van monitoren waarop in realtime beelden te zien waren die door de kunstenaar eenvoudig van het internet werden geplukt en afkomstig waren van tal van openbare webcams en vaak onbeveiligde bewakingscamera's. Eén van de eerste grote installaties die hij maakte rond het thema surveillance was Trojan Offices, een video-installatie waarmee hij een eerbetoon bracht aan de allereerste webcam die in 1991 online ging en beroemd werd als de Trojan Room coffee pot. 

Andere installaties met webcams als hoofdonderdeel waren Jaywalking en Seattle Crime Cams. Voor Jaywalking combineerde de Belgische kunstenaar verschillende datastromen voor één installatie. In de installatie konden beelden van verkeerswebcams op kruispunten in verschillende landen worden bekeken. Kijkers mochten bovendien roekeloos overstekende voetgangers beboeten door screenshots te sturen naar een politiebureau in de buurt. Opvallend was ook de installatie Seattle Crime Cams, waarmee Depoorter van zijn kijkers de ultieme ramptoerist op afstand maakte door ze via webcams virtueel deelgenoot te maken van plaatselijke delicten in Seattle.

Jaywalking - druk op de rode knop
Jaywalking - druk op de rode knop

Profielfoto's op sociale netwerken

Afgelopen jaren richtte Depoorter zich met zijn werk ook op grote sociale netwerksites. Voor het project Tinder In vergeleek hij profielfoto's van gebruikers op LinkedIn en Tinder. Depoorter: "Het idee was om een sociaal netwerk te vinden dat totaal het tegenovergestelde was van LinkedIn. Waar ik op uit kwam was de datingsite Tinder. Grotere verschillen tussen twee netwerksites zijn nergens anders te vinden. Met gebruikmaking van profielfoto's van gebruikers ben ik vervolgens een installatie gaan maken." 

Tinder In
Tinder In

Voordat je in Gent Mediakunst ging studeren, heb je zes jaar elektronica gestudeerd. Die combinatie van studies lijkt me een goede basis voor je werk als mediakunstenaar, of niet?

"Klopt. Maar het was zeker geen logische keuze om na een technische richting een kunstrichting te volgen. Na zes jaar elektronica wou ik echter iets creatiefs doen met de opgebouwde kennis. In de studie Mediakunst aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in Gent kon ik dat volop doen. Ik wist niks van kunstgeschiedenis, maar zag dat altijd als een voordeel. Ik hou sowieso niet van teveel blablabla. Ik maak liever iets. Voor mij is het ook belangrijk dat je geen kunstachtergrond moet hebben om mijn werk te kunnen begrijpen. Mijn docenten aan de kunstschool snapten dat niet echt, maar daar trok ik me weinig van aan."

Hoe lastig is het om installaties te maken rond thema's als internet, privacy en surveillance?

"Best wel lastig. Maar een groot deel van mijn werk gaat nog steeds over dezelfde thema's. Het zijn ook de onderwerpen waarmee ik geleidelijk aan iets ben gaan doen. Toen ik nog student Mediakunst was, gaf ik privégegevens van mezelf weg. De discussies over privacy-issues waren ook nog niet zo groot. Maar er waren al genoeg dingen waarover je vragen kon stellen. Op een bepaald moment was ik mijn eigen informatie echter beu. Daarom ben ik ook naar de privacy-issues van anderen gaan kijken."

Wat leverden al die ludieke privacy-experimenten van jou op aan informatie?

"Het gaf mij een gevoel dat mijn vrienden en familie constant over mijn rug meekeken als ik op internet zat. En eigenlijk niet alleen zij, maar het hele internet. Het veranderde mijn gedrag wel. Persoonlijke e-mails beantwoordde ik bijvoorbeeld heel snel. Ook bezocht ik bepaalde websites niet meer. En chatgesprekken met vrienden maakte ik heel klein, zodat je alleen de laatste zin kon lezen. Ik had verder niet het idee dat ik iets verkeerds deed. Het is ook heel anders als je denkt dat familie en vrienden meekijken naar wat je op internet doet in plaats van grote bedrijven, zoals Google of Facebook, die zo informatie over je verzamelen."

Hoe nam je de audio op voor 24h Soundwave en waarom heb je ook audio-opnames uit je privéleven te koop gezet op je website?  

"Ik heb een speciaal opname-apparaat bevestigd aan mijn riem. Zo kon ik vrij professionele opnames maken. De audio die ik daarna gedurende 24 uur opnam, kon op mijn site worden afgespeeld. Sommige stukjes audio wilde ik alleen tegen betaling aanbieden. Dat waren gesprekken met mijn vriendin en mijn moeder, die heel privé waren. Mensen konden deze daarom eenmalig kopen. De prijs was afhankelijk van de waarde die ik er zelf aan gaf. Dat varieerde van vijf tot vijfhonderd euro."

Heb je ook daadwerkelijk mp3's verkocht?

"Een paar, ja. Maar ik weet niet door wie ze zijn gekocht. En ook niet wat ze ermee hebben gedaan."

Voor je project Seattle Crime Cams zette je de Raspberry Pi 2 in bij een soort van computerset-up voor een politiekantoor. In je installatie konden mensen live-internetbeelden bekijken van bewakingscamera's in Seattle, maar ook live-audio horen van 911-oproepen. Hoe lang ben je met die installatie bezig geweest?

"In totaal heb ik er twee weken dag en nacht aan gewerkt. In dezelfde tijd werkte ik ook aan Jaywalking, een andere installatie rond het thema surveillance. De installaties maakte ik met steun van De Brakke Grond in Amsterdam en waren te zien tijdens het IDFA Doclab."

Seattle Crimecams
Seattle Crimecams

Voor Seattle Crime Cams moest je webcams hacken om meer frame-rates te krijgen, klopt dat?

"Klopt. Die webcams gaven één frame per minuut, wat erg weinig is. Door aanpassingen in de broncode van de site waar de webcams op stonden kon ik het aantal frames vergroten en was het redelijk makkelijk om in realtime een constante stroom bewegende beelden uit te zenden."

In Jaywalking konden mensen over het lot van roekeloos overstekende voetgangers beslissen. Met een druk op de knop was een screenshot van een verkeersovertreding naar een  politiebureau ergens in dezelfde buurt te sturen. Pleegden nog veel mensen zo verraad? 

"Ja, negentig procent van de bezoekers drukte op de rode knop als iemand overstak. Dat verbaasde me niets. Mensen hoefden namelijk geen persoonlijke gegevens op te geven om een melding te kunnen doen. Alles ging geheel anoniem. Door de knop rood te maken, heb ik het ook extra aanlokkelijk gemaakt om hierop te duwen." 

Werd er in de praktijk ook echt iets met de meldingen gedaan door de politie?

"Dat weet ik niet. De politie heeft nooit iets teruggezonden naar de mailadressen die ik voor de meldingen gebruikte. Maar ik denk niet dat er ook echt boetes zijn uitgedeeld. Hoogstwaarschijnlijk zijn de verstuurde meldingen in spamfilters van de politie terechtgekomen. De resolutie van de webcams was soms ook zo laag dat mensen in screenshots niet herkenbaar meer waren."

Je installatie Trojan Offices was een eerbetoon aan de allereerste online webcam. Veel oude webcams op kantoren blijken nog steeds te zijn aangesloten op internet, zo ontdekte je.

"Klopt. Die eerste webcam werd 25 jaar geleden door computerwetenschappers van de University of Cambridge geïnstalleerd. Die stond in een ruimte van het lab, de zogenaamde Trojan Room, en was gericht op een koffiezetapparaat. Ik kwam erachter dat veel van die oude kantoorwebcams nog steeds toegankelijk zijn via een simpel standaard fabriekswachtwoord uit de handleiding van die camera's. Zo kreeg ik opeens toegang tot honderden kantoren."

Wat waren bijzondere momenten die mensen via deze installatie te zien kregen? 

"Grappig was een live registratie van een camera die in een soort van wachtruimte achter iemands computer stond. Daardoor kon je perfect zien wat er op het scherm stond. De mevrouw achter die computer zat constant het kaartspel Patience te spelen. Een andere keer zag je een man die op zijn toetsenbord in slaap was gevallen. Of een kerel die echt een uur lang onder zijn bureau gehurkt zat om iets te doen. Daar kon je wel vragen bij stellen. Voor toeschouwers waren er ook veel saaie momenten. Alles was immers live. Mensen moeten dan lang kijken om iets leuks te kunnen zien."

Vaak tonen je installaties beelden van webcams die onbeveiligd zijn. Heb je ook wel eens het gevoel dat je zo een grens overschrijdt en iets laat zien dat niet voor onze ogen is bedoeld? 

"Nee, ik probeer altijd net onder de grens te blijven. Ik heb nu zelfs een advocaat die me steunt en advies geeft om onder die privacygrens te blijven. Een jaar geleden bood deze mij via een mailtje spontaan zijn diensten aan. Ik ken die persoon dus helemaal niet, wat ik wel grappig vind."

Webcams in kinderkamers, woonkamers, slaapkamers of op scholen en crèches: zouden die ook onderdeel van je werk kunnen zijn?  

"Nee. Het zal nooit mijn bedoeling zijn om mensen met mijn werk te kwetsen of te shockeren. Ik kijk wel wat er allemaal in de praktijk mogelijk is. Maar ik gebruik voor mijn installaties geen webcam die bijvoorbeeld ergens in een badkamer van een hotel hangt."

Behalve monitoren, wat gebruik je nog meer aan hardware voor je installaties?

"Meestal de Raspberry Pi, waaronder de Raspberry Pi 2. Maar ook een nieuwere versie: de Raspberry Pi Zero W. Dat is één van de allerkleinste computers die je op dit moment kunt kopen, en juist daarom zo aantrekkelijk. Je hebt een complete mini-pc die bijna helemaal in je portemonnee past. In het begin heb ik ook nog met Arduino gewerkt, een opensource-computerplatform bedoeld om microcontrollers simpel te maken. Dat is vooral handig voor hobbyisten, artiesten en kunstenaars." 

Hoeveel openbare en onbeveiligde webcams heb je eigenlijk in al je installaties verwerkt?

"Ik zou het niet precies kunnen zeggen. Voor Jaywalking heb ik drie webcams aangesloten en voor Trojan Offices zeven. Soms kies ik webcams uit een hele lijst. Voor Seattle Crime Cams kon ik tien camera's uit een lijst van zeshonderd beschikbare webcams selecteren. Die werden ook voortdurend geüpdatet. Veel webcams gaan ook offline. Of ze bieden niet dezelfde kwaliteit als andere webcams. Daarom moest ik ook constant webcams vervangen. Bij elkaar gaat het dus wel om honderden webcams die ik voor mijn installaties gebruik." 

Voor je project Tinder In heb je profielfoto's vergeleken die mensen gebruiken op LinkedIn en Tinder. Die foto's blijken vaak totaal verschillend te zijn. Toen mensen erachter kwamen dat jij hun profielfoto's gebruikte voor je werk, ontstond er online een discussie. De vraag was: kan dat allemaal wel wat Dries Depoorter doet? Als reactie heb je toen gezichten van mensen geblurd. Had je achteraf gezien toch iets verkeerds gedaan?

"Door de overweldigende reacties en hatemail die ik kreeg, heb ik de profielfoto's uiteindelijk geblurd. Ik had die reacties ook wel verwacht voordat ik de foto's online zette, maar niet zo hevig. Er waren zelfs mensen die me wilde aanklagen. Maar gelukkig heb ik geen rechtszaken meegemaakt. Tinder In was ook de enige keer dat ik echt over een privacygrens heen ben gegaan."

Wat wilde je echter met het project aantonen? Het feit dat profielfoto's op twee totaal verschillende sites ook totaal verschillende kanten van mensen laten zien?

"Het feit dat de foto's openbaar zijn en zo verschillend zijn, was een reden om er iets mee te doen. Als je die profielfoto's naast elkaar zet, is dat heel raar. In het begin voelde ik me wel een beetje schuldig dat ik setjes maakte van profielfoto's van mensen. Maar dat gevoel was weer snel voorbij. Het project ging eigenlijk ook niet over de mensen op de foto's zelf, maar over de manier waarop netwerken dicteren hoe onze profielfoto eruit moet zien."

Project Here
Project Here

Tegenwoordig wordt elke tien seconden vijf miljard gigabyte aan data gecreëerd. Voor gewone zielen is dat niet te bevatten. Hoe kijk jij daar als mediakunstenaar tegenaan? Geldt voor jou: hoe meer data, hoe beter? 

"Wat ik veel voor mijn werk doe, is datastromen met elkaar combineren. In Jaywalking heb ik bijvoorbeeld live webcambeelden van kruispunten gecombineerd met een teller die de hoogte van de boete liet zien. Dat maakt alles al een stuk minder saai. Voor mij geldt dus zeker: hoe meer data ik heb, hoe meer inspiratie ik krijg."

De kansen en gevaren van digitalisering: daar gaat het gros van je werk over. In een interview met Vice zei je dat je niets ziet in het Internet of Things. Waarom niet? 

"Je moet in Google eens zoeken naar Internet Of Shit. Dat is een Twitter-account waarop je dagelijks leest over aan het internet gekoppelde dingen die helemaal niet nodig zijn. Daar zitten echt de gekste apparaten tussen. Vier jaar geleden dacht iedereen nog dat het Internet of Things alles op zijn kop zou gaan zetten. Maar ik denk dat dat idee nu wel een beetje aan het verdwijnen is."  

Hoe voorkom je dat er door je werk niet een soort van digitale paranoia bij jezelf ontstaat of een weerzin tegen het internet?

"Ik doe veel dingen die andere mensen ook doen, zoals de webcam en microfoon afplakken. Maar ook kleine alledaagse dingen, zoals niet zomaar op elke plek gratis wifi gebruiken. Ik ben verder zeker niet paranoia. Dat valt reuze mee. Mijn weerzien tegen internet neemt ondanks alles ook niet toe. Doel van mijn installaties is vooral dat ze vragen opwerpen. Ik toon aan wat mogelijk is. Maar ik wil er verder geen uitgesproken mening mee verkondigen."

Jaywalking
Jaywalking

In één van je recentere projecten heb je de bekendste scene uit de film Titanic nagemaakt met plaatjes die je vond via Google Images. Daarvoor heb je een speciaal script gebruikt genaamd urlFrames. Wat was het idee hierachter?

"Ik maak voor mijn werk veel gebruik van Google Images Search, waarmee je plaatjes vindt die lijken op het plaatje dat je al hebt. Het leek me leuk om daar een beetje mee te spelen. Met een script genaamd urlFrames heb ik toen een grote hoeveelheid afbeeldingen naar Google gestuurd. Hetzelfde script heb ik daarna losgelaten op de bekende boegscene in de film. Dat waren in totaal vierduizend frames, die je bijna allemaal online kunt vinden. De zoekresultaten heb ik vervolgens als een geheel nieuw filmpje aan elkaar geplakt."

In het filmpje zitten zelfs afbeeldingen van zombies. Hoe zijn die erin gekomen?

"Vooral bij donkere frames vond Google allerlei vreemde plaatjes, zoals een afbeelding van een zombie. Soms vond Google ook foto's van Leonardo DiCaprio op de catwalk. Maar daar had ik zelf verder dus helemaal geen invloed op."

Je nieuwste project heeft weer iets met audio als hoofdonderdeel. Kun je daar al iets meer over vertellen?

"Ja hoor. Het project maakt gebruik van open microfoons. De installatie heet FlipSide Audio en maakt het mogelijk om de andere kant van de wereld te beluisteren. Sluit in het gras je headset aan en hoor de andere kant van de wereld, waar zich een microfoon bevindt. Dat is het hele idee. De installatie zal binnenkort al te zien zijn, als deze in première gaat tijdens het STRP-festival in Eindhoven op 24 maart."

Auteur

Laurens Lammers is freelance journalist en schrijft veel over internettechnologie, internetcultuur en beginnende internetbedrijven.