Inhoudsopgave
    

‘Veel innovaties komen van creatievelingen’
Laurens Lammers
door Laurens Lammers
leestijd: 9 min

Allround technoloog en kunstenaar Edwin Dertien leidt studenten op tot future-proof ingenieurs. Zij combineren elektrotechniek, informatica en productdesign op een creatieve manier.

In kamer 3431 in gebouw Carré op het terrein van de Universiteit van Twente, de kamer van dr. ir. Edwin Dertien, wijst alles op een voorliefde voor technologie en gadgets. Rechts in de kamer staat een geïmproviseerde Jedi, een ridder uit Star Wars, inclusief lichtgevend zwaard. In een kast liggen verder oude robotstofzuigers te wachten op een nieuw leven. Ook te zien, groot hangend aan de wand, is Degenkrab, een lichtgevende en geluid producerende robot, waarvan het prototype werd gebouwd na het zien van de Britse tv-serie Robot Wars. 

Robotica: het is Dertiens favoriete onderwerp binnen zijn vakgebied, dat vooral bestaat uit hardcore technology. Van sensortechnologie tot het internet of things en physical computing: Dertien houdt er zich dagelijks mee bezig. "Computers zijn niet meer de apparaten die je alleen maar op je bureau of schoot hebt staan", zegt hij. "In bijna elk apparaat zit tegenwoordig wel computertechniek verwerkt. We hebben een heel netwerk aan ingenieuze apparaten om ons heen. Van een huishoudrobot tot en met de wasmachine." 

Voor veel mensen blijft technologie volgens Dertien echter een moeilijk onderwerp door zijn gesloten karakter. "We moeten daarom ervoor zorgen dat we technologie zo brengen dat deze begrijpelijk is voor iedereen." 

Nieuw type ingenieur

Als docent Creative Technology, een studierichting die hij in 2008 meehielp in Twente op poten te zetten, maakt hij zich ook sterk voor de opleiding van een nieuw type ingenieur. Die ingenieur zal volgens Dertien thuis moeten zijn op het gebied van elektrotechniek, informatica en product design. 

"We kwamen erachter dat er een noodzaak was om deze op te gaan leiden", zegt Dertien. "Bijna alle nieuwe producten en alle echte game changers zijn tegenwoordig een mix van de drie vakgebieden die nu onderdeel zijn van het vak Creative Technology. Het gaat ook niet meer alleen om een stuk elektronica. Er zit altijd wel een koppeling tussen de fysieke wereld en de online wereld in. Daarom zijn we een opleiding begonnen waarin heel goed gekeken wordt naar productontwerpen voordat ze worden gerealiseerd." 

De kern van de in Nederland unieke opleiding is de beïnvloeding van gedrag door digitale technologie. Zo leren studenten nieuwe creatieve applicaties te bedenken die het leven van gebruikers een stuk gemakkelijker en leuker moeten maken. Volgens Dertien is de opleiding ook veel breder toegankelijk dan de traditionele ingenieursopleidingen. "Bij ons kunnen ook mensen instromen die geen natuur- en techniekprofiel hebben gekozen op de middelbare school."

Vakoverschrijdend denken

Volgens Dertien is Creative Technology voor veel bedrijven nog vrij onbekend. "Maar we beginnen wel te merken dat er een markt voor is", zegt hij. "Bedrijven hebben mensen nodig die vakoverschrijdend kunnen denken. Dus niet alleen wat betreft de technische realisatie, maar ook qua gebruikersaspecten. Die mensen moeten verder niet alleen elektronica kunnen ontwerpen, maar ook kunnen zien of een concept in de praktijk ook werkt door gebruikers er in een vroeg stadium bij te betrekken. Een ding kan technisch heel mooi in elkaar zitten. Maar als het voor gebruikers niet het probleem oplost waarvoor ze het willen hebben, faalt de boel."

"Veel van de technologieën die de afgelopen jaren de wereld op zijn kop hebben gezet, zoals quadcopters, drones en 3D-printers, zijn verder geen producten die uit de traditionele industrie zijn voortgekomen. Die hebben het grote publiek bereikt dankzij een aantal creatievelingen. Die creative scene, dat is de wereld waarvoor we onze studenten willen opleiden."

Op internet lees ik dat je tijdens de opleiding kunt leren je omgeving intelligent en interactief te maken. Wat moet ik me daarbij voorstellen? 

"Zo'n omgeving kan bijvoorbeeld je huiskamer zijn. Je verlichting, blindering en tv-toestel zijn daarin netjes aan je activiteiten aan te passen. Zo kun je de kamer zo maken dat deze responsief wordt of zich inricht aan wat jij op dat moment wilt. En dit zonder dat je hiervoor nog op knoppen hoeft te drukken of andere ouderwetse interfaces moet bedienen. In principe kan het elke omgeving zijn, tot je omgeving in de jungle toe. Studenten ontwerpen nu ook de wachtkamers van de toekomst, waarin je door gebruik van de juiste technologie beter op je gemak zit en zonder paniekgevoel."

Leer je ook minder praktische dingen tijdens de opleiding?

"Ja hoor. We laten studenten ook installaties ontwerpen voor festivals, zoals het Gogbot-festival, een groot jaarlijks evenement rond kunst, media en technologie. Die installaties moeten een zo groot mogelijke impact hebben op het publiek. Vorig jaar was dat bijvoorbeeld een elektrische auto waarmee je met een Oculus Rift op over de Grote Markt van Enschede kon scheuren. De hele spelsituatie was in virtual reality. Mensen konden daarbij het hele festivalterrein virtueel aan flarden rijden." 

Is virtual reality ook een belangrijk onderdeel van Creative Technology?

“Ja, we maken in de opleiding gebruik van 3D-software als Unity, waarmee je modellen in 3D op het scherm kunt toveren en een eigen omgeving in virtual reality kunt bouwen. Ook andere tools om netjes in 3D te kunnen modelleren zitten in het onderwijspakket.”

Je hebt studenten ook lichtzwaarden uit Star Wars laten bouwen op basis van een door jou ontworpen zwaard. Hoe valt zo'n workshop te rijmen met Creative Technology?

"Dat was niet direct een onderdeel van de studie zelf, maar een activiteit van de studievereniging. Die had het idee opgevat om ter gelegenheid van de première van de Star Wars-film The Force Awakens een speciale Jedi-training te organiseren. Eén van de studenten had mij daarbij gevraagd om een ontwerp van een lichtzwaard te maken dat nagebouwd kon worden in een leuke workshop. Dat zwaard heb ik vervolgens ook gebouwd met behulp van aantal programmeerbare LED-strips, een stuk rioolpijp en een lasergesneden stuk hout. Uiteindelijk is het zo'n veertig keer nagebouwd. We hadden verder allerlei sponsors, zoals Conrad en Praxis. Studenten konden bovendien een korte gevechtstraining krijgen van een vechtsportclub om zo realistisch mogelijk te leren nepzwaardvechten."

Workshop lichtzwaarden maken
Workshop lichtzwaarden maken

In hoeverre moet je als student Creative Technology handig zijn of over bepaalde vaardigheden beschikken?

"Als student moet je onder de motorkap willen kijken en willen weten hoe dingen werken. Het hebben van een onderzoekende geest is ook belangrijker dan dat je heel vaardig bent met een soldeerbout. Dat laatste is nuttig, maar leer je alleen niet in de studie zelf. Hetzelfde geldt voor andere vaardigheden, zoals het ontwerpen voor een 3D-printer of het werken met een lasersnijder. Die dingen kun je ook later nog leren door projecten te kiezen waarin je die vaardigheden veel kunt oefenen. Je leert ze ook alleen door er veel mee bezig te zijn, knetter veel fouten te maken en daarvan weer te leren."

Is Creative Technology als studie ook erg in trek onder studenten die van technologie houden?

"Ja, steeds meer. In 2010 hebben we de eerste lichting studenten gehad of de eerste studentengroep die het ging proberen. Inmiddels is Creative Technology een gewone volwaardige opleiding. Het is ook binnen de vakken wiskunde, elektronica en informatica de grootste opleiding of de opleiding met de meeste studenten. Per lichting hebben we nu 100 tot 120 studenten per jaar die we opleiden."

Ex-studenten Creative Technology hebben al meerdere startups opgezet, zoals Homey, een afstandsbediening voor smarthomes, en PrintR, een platform dat het 3D-printen een stuk eenvoudiger moet maken. Zijn dit uitzonderingen of zie jij meer studenten die na hun studie een bedrijf beginnen?

“Ja, dat zijn er nogal wat. Deze twee hebben het goed gedaan. Homey heeft een Kickstarterproject heel goed afgesloten. Dat zit nu in de productie- en uitleverfase. De vraag is nu nog of het product aan alle klantwensen voldoet. Ook PrintR heeft een mooie niche gevonden in het toegankelijk maken van hun printproducten in apps en software. Ex-studenten zijn nu verder bezig met het ontwikkelen van holograminstallaties. Dat zijn hele mooie dingen om gegevens of 3D-modellen te kunnen visualiseren. Het werkt met roterende spiegels en beamers die modellen van iets kunnen projecteren. Je kunt hier vervolgens helemaal omheen lopen, dus alles goed zien in 3D. Het lijkt ook al veel op de hologrammen die je ziet in Star Wars of StarTrek.”

Je hebt in Twente mechatronica gestudeerd. Daarin leer je bewegende systemen te ontwerpen en te besturen. Een groot deel van deze studie is gerelateerd aan robots. Ben je als student ook veel bezig geweest om robots in elkaar te knutselen?

"Dat was ik op de middelbare school al en daarvoor. Mijn allereerste robot bouwde ik in 1986. Het ontwerp daarvan stond in het blad Kijk. Het robotje kon allerlei dingen, zoals zichzelf opladen via een eigen laadstation. Van het ontwerp was ook een bouwpakket gemaakt, dat ik kon overnemen van een oom die er niks mee deed. Het duurde even voordat ik de robot in elkaar had gezet. Ik moest allerlei dingen leren solderen en veel zaken leren over elektronica voordat het allemaal een beetje werkte. Aan het einde van de basisschool had ik het ding in elkaar gezet. Voor mijn afstudeerwerk in 2005 heb ik verder een lopende robot gebouwd die net zo liep als een mens. Dat wil zeggen: lopen door nét niet te vallen. Mensen lopen helemaal niet zo stabiel als het lijkt. Ze vallen gewoon voorover. Doordat je je ene been net op tijd voor je andere been zet, blijf je doorvallen. En dat noemen we lopen. Hetzelfde principe heb ik ook in die robot gebouwd. Hij werd uiteindelijk een metertje hoog en voorzien van een grote motor met Penlight-batterijen."

Edwin Dertien was al op jonge leeftijd met techniek bezig
Edwin Dertien was al op jonge leeftijd met techniek bezig

Kan het bouwen van een robot ook leiden tot allerlei frustraties door de complexe technologie die hiervoor nodig is?

"Robots bouwen is voor vijf procent inspiratie en voor 95 procent frustratie. Als het werkt, heb je een succesmoment, maar dat is meestal kort. Er is volgens mij ook nooit een robotproject geweest dat heel vlot en soepel tot een resultaat leidde. Als dat wel zo is, heb je als bouwer toch iets verkeerds gedaan."

In de tech-sector wordt al jaren gewerkt aan intelligente machines. Maar hoe intelligent zijn robots al en hoe is intelligentie bij robots te meten?

"Er zijn hiervoor allerlei testen, zoals de Turing Test. Daarmee kun je kijken of je onderscheid kunt maken tussen een chatbot en een menselijke operator. We moeten ons echter niet blindstaren op dit type intelligentie. Het is heel mooi om daarover te dromen en fantaseren. Heel veel sciencefiction films hebben echter al het gras voor onze voeten weggemaaid. In de film Her speelt Scarlett Johansson de stem van een besturingssysteem, zoiets als Windows ++, die zich als personal assistent verspreidt over meerdere apparaten. Zo'n film toont al goed hoe kunstmatige intelligentie in de toekomst vorm kan krijgen, zonder daarbij direct een robot aan het werk te zien. Maar het verhult een beetje de dingen die nu echt in de wereld achter de schermen gaande zijn. Als ik nu mijn smartphone een instructie geef, ben ik eigenlijk aan het communiceren met een server van Apple of Google, want daar zit het brein. In een Harry Potter-film zegt de vader van Ginny Weasley dat je nooit iets kunt vertrouwen als je niet weet waar het zijn brein bewaart. Die mooie quote gaat de komende jaren nog heel relevant worden als het om kunstmatige intelligentie gaat." 

Sommige deskundigen noemen het idee dat er een moment komt waarop machines intelligenter zullen zijn dan de mens een fata morgana. Worden de mogelijkheden van technologie niet een beetje overschat?

"Soms wel, maar vaak niet. Er zijn nu machines die ons kunnen verslaan met schaken of Jeopardy. Straks heb je ook machines die beter kunnen autorijden omdat ze niet moe worden. Er zijn verder hele systemen te maken die uitgebreide economische analyses doen en allerlei scenario's kunnen bedenken die in jouw voor- of nadeel werken. Daarbij geldt dat hoe meer databronnen je erin stopt, hoe uitgebalanceerder het antwoord zal zijn."

Robots spelen al decennia lang een rol in ons dagelijks leven. We zijn met robots opgegroeid en weten hoe ze eruit zien en op ons reageren. Hoeven we dan ook niet bang te zijn voor de robots van de toekomst?

"Natuurlijk moeten we ook bang zijn. Een robot kan hartstikke gevaarlijk zijn, zoals elke technologie. Je kunt robots gebruiken om bommen op te sporen en te deactiveren, maar ook om dingen op te blazen. Iedere mafketel kan verder met een op afstand bestuurbaar autootje, twee servomotors en een paar handvuurwapens een killerbot maken. Er kan zelfs ooit een Terminator opstaan. Maar eerlijk gezegd ben ik veel banger voor wat Google allemaal over mij weet en de controle die hierdoor over mij kan worden uitgeoefend dan voor een robot die mij in mijn laboratorium pootje gaat haken."

Hoe zit het met de communicatie tussen mens en robot. Kan die nog worden verbeterd?

"Zeker. Een robot kan leren je humeur 's morgens in een gesprek te verbeteren. Daardoor kan mijn relatie met een robot weer beter worden. Een plan van mij is ook om nog eens een aantal oude robotstofzuigers te voorzien van een spraakchip, zodat ik ze kan leren praten. Het lijkt me daarnaast leuk als hij dan af en toe heel erg gaat kuchen of een vrolijk wijsje begint te zingen boven zijn gezoem uit. In Japan is dat heel normaal, bij ons wekt het echter woede en verveling op. Maar stel je voor dat je je stofzuiger meer persoonlijkheid kunt geven met een stemmetje? Zou je daar niet blijer van worden? En zou je daardoor niet beter met je stofzuigrobot om kunnen gaan?" 

Kunnen robots ook lui worden of de boel belazeren, zoals Google onlangs in een onderzoek suggereerde?

"Dat kan, ja. Maar dan is het de vraag of dat in de robot zo is geprogrammeerd. Je kunt stofzuigrobots van een lerend algoritme voorzien. Mensen kunnen daardoor zo'n robot bepaalde instructies geven, zoals: ga zo zuinig mogelijk met je batterijen om, maar zorg ervoor dat je zo actief mogelijk lijkt. Dan krijg je een robot die eerst wat rondrijdt en daarna heel rustig zijn batterijen gaat laden. Als je dan weer thuis komt, gaat hij weer even een rondje zuigen. Wat je in zo'n apparaat stopt, krijg je er op die manier ook weer uit. Zo'n stofzuigrobot is verder geen almachtig apparaat dat alles kan zien. Hij maakt de boel ook niet schoon, maar schoner. Over robots zullen onze ideeën de komende jaren ook weer veranderen. Aan de ene kant zullen we er meer van gaan verwachten, aan de andere kant gaan we onze verwachtingen ervan bijstellen." 

Met je bedrijf Kunst- en techniekwerk ben je ook als technisch kunstenaar actief. In je werk is van alles te zien: van een robot die met brandende pasta op de vloer kan tekenen tot een robot die mensen achtervolgt. Je vondsten hebben ook exotische namen als Degenkrab en Achtervolgspot. Hoe bevalt die rol? 

"Het is heel leuk. Degenkrab heb ik gemaakt in de stijl van de robots die te zien waren in de tv-serie Robot Wars. Als inspiratiebron had ik een levende krab die ik sterk heb vergroot. Die eerste versie heb ik in 2001 gebouwd. In 2007 heb ik hem ook op het Gogbot-festival in Enschede laten rondrijden. Met de Achtervolgspot ben ik vanaf een terrasje met de afstandsbediening letterlijk mensen gaan achtervolgen. Die mensen vroegen zich ook af hoe het werkte. Ze zochten bijvoorbeeld naar een camera op de robot. Andere mensen dachten dat de robot alleen mensen volgde met een rode broek aan. Sommigen reageerden ook heel beschermend. Zij zagen de robot als vriendje en gingen ermee op de foto. Mensen gaan vaak zeer verschillende relaties aan met zo'n robot, zo blijkt in de praktijk."

Wat is je meest recente kunstproject?

"Een soort Pixar-achtige bureaulamp die ik vorig jaar heb gebouwd, automatisch allerlei richtingen opdraait en daarbij verschillende kleuren geeft. Zo'n bureaulamp wilde ik al lang hebben. De meeste bureaulampen zijn nogal saai. Ik wilde er daarom eentje met leven erin. Hij draait nu een simpel programmaatje af, zonder gebruikmaking van sensoren. De onderdelen komen verder uit de Ikea. Daar heb ik nog een paar servomotortjes aan toegevoegd. Dezelfde technologie gebruik ik nu ook voor workshops voor kinderen die van karton en een paar servo's gezichten maken en tot leven wekken." 

Je verzorgt ook de techniek voor de kunstprojecten van andere kunstenaars. Eén daarvan was The Dancing White Man, een levensechte dansende robotversie van kunstenaar Leonard van Munster. Hoe was dat?

"Dat was een supergaaf project. Ik was even de mad scientist. Het was ook mooi om hem in de Amsterdamse Stadschouwburg te installeren. Mensen dachten dat het ging om een levend standbeeld dat heel goed stil stond en ging dansen als je er vlak voor ging staan. Dat het een robot was, wilden veel mensen niet geloven. Dat deden ze pas als we de schedel opentrokken en alle draden hierin lieten zien. Sommige bezoekers renden dan ook hard weg."

Je bent verder erg actief in je fablab Studio13, je eigen technologische werkplaats. Daarin bied je aan mensen met autisme een speciale dagbesteding. Hoe loopt dit?

"Vrij succesvol. Ik ben ermee begonnen in de tijd dat de zogenaamde fabricagelabs uit de VS kwamen overwaaien. Het idee was om via deze fablabs dure machines, zoals lasersnijders en 3D-printers, publiek toegankelijk te maken. In 2013 ben ik in mijn eigen atelier met een fablab gestart. Daar zijn we in een paar jaar tijd hard uitgegroeid. Nu doen we hetzelfde in een veel groter pand in Oldenzaal, waar veel deelnemers vandaan komen. We zijn nu ook een reguliere zorginstelling met tien man personeel en zo'n 45 cliënten waarvan er dagelijks een tiental in de fablab is te vinden."

Zijn het vooral mannen die je fablab bezoeken of ook vrouwen?

"Voornamelijk mannen. Autisme uit zich bij mannen meestal wat duidelijker dan bij vrouwen. Deelnemers komen vaak ook uit de technologische hoek of hebben affiniteit met techniek. Veel mensen met autisme wonen ook in de buurt van grote technologische bedrijven of instellingen en zitten door hun stoornis werkeloos thuis. Vroeger werden ze in een hoek van een bedrijf neergezet met een simpele opdracht. Tegenwoordig kan dit niet meer. Ze moeten nu goed in teamverband kunnen werken, goed kunnen communiceren en multitasken. In de praktijk werkt dat echter niet."

Je bent ook muzikant. Ook als je muziek maakt, ben je vaak bezig met techniek en elektronica. Wat moeten we daarbij voorstellen?

"Ik vind het leuk om mijn eigen instrumenten te bouwen. Ik ben alleen geen ambachtsman die jaren aan een instrument werkt. In plaats daarvan doe ik dingen met elektronica en moderne techniek en bouw ik bestaande instrumenten om. Het laatste instrument was een heel oud Yamaha-orgeltje. Dat kraakte alleen maar een beetje en maakte rare geluiden. Echt spelen kon je er niet op. In de werkplaats heb ik daarom de klavieren eruit gehaald en er met een Arduino-bordje een standaard Midi-klavier van gemaakt. De ronddraaiende luidsprekers van Leslie heb ik verder in een aparte kast ingebouwd. Op de Makerfaire Twente heb ik er vervolgens iedereen mee gek gemaakt."

Auteur

Laurens Lammers is freelance journalist en schrijft veel over internettechnologie, internetcultuur en beginnende internetbedrijven.