Inhoudsopgave
    

Leipe shit ouwe
Walter van den Berg
door Walter van den Berg
leestijd: 6 min

Internet draait steeds meer om de nieuwe generatie. Of wordt Vandenb.com gewoon een dagje ouder?

In de coffeecompany op het Spui stonden twee jongens achter de toonbank. "Kijk", zei de ene met de baard, "allemaal snapchats." Hij vertelde verhalen over een schoolfeest, en hij illustreerde ze met snapchats op zijn telefoon ("kijk, er was een doedelzak"). Ik was at a loss; Snapchat was toch een app waarmee je elkaar tekst en foto's kon versturen die dan onmiddellijk weer verdwenen? Dat had ik er althans over gelezen - ik heb snapchat verder volkomen genegeerd.

Ik ben namelijk een oude man op Het Internet.

Ik zette in 2000 een weblog in elkaar toen er vijftien of zestien weblogs waren op het Nederlandse stukje van het wereldwijdewebje, ik zit sinds januari 2007 op Facebook omdat ik op een feestje was met een jongen die in Canada had gestudeerd en iets wist dat beter was dan Hyves, en ik krijg eens per jaar een mailtje uit onduidelijke bron dat me vertelt dat ik vijf, zes of zeven jaar op Twitter zit. Ja, dan ben je oud.

Als je oud bent, ga je vrijwel automatisch het jonge afwijzen. Zoals je ouders konden zeggen als je muziek luisterde: "Dat is toch geen muziek?!" Ik begin op je ouders te lijken. Ik moet ervoor waken dat ik geen nieuwe dingen op internet afwijs, alleen maar omdat het nieuw is. (Nu we het daar over hebben: ken ik iemand die aan Snapchat doet? Iemand? Nee toch?)

Een nieuwe cyclus

Maar die neiging nieuwe dingen op internet maar een beetje mal te vinden wijst, behalve op mijn ouderdom, op een bijzonderheid: we zitten in de volgende generatie. Er is een nieuwe cyclus gestart.

Ik dacht dat tijdvakken op internet razendsnel voorbijgaan, overgaan in een volgende era, maar het was het snelle opbloeien en uitdoven van aanwijsbare fenomeentjes die me dat idee gaven. Flappy Bird, [*]deed sterretjes om uitspraken op Twitter[*], TED-talks. Ik noemde die tijdvakken voor mezelf 'generaties', maar ik denk nu dat dat een verkeerd gebruik van het woord was. Ik denk nu dat generaties op internet veel meer overeenkomen met generaties in het vleselijk leven.

Ik had een weblog toen er kinderen geboren werden die nu al op de middelbare school zitten. Dat idee moet ik even tot me door laten dringen: er lopen mensjes rond die op volwassen ideeën kunnen komen als ze hun best doen, of, zeg, seks kunnen hebben, voor wie weblogs er altijd al geweest zijn.

Toen weblogs ontstonden, was het heel even heel duidelijk waar ze voor bedoeld waren: het waren logs, verslagen, van een zwerftocht over internet. Het wereldwijdewebje was nieuw, toen, en weblogs waren er om je verbazing over dat nieuwe fenomeen te boekstaven: kijk wat voor moois ik nu weer tegen ben gekomen.

Beeld: Au Revoir

Daarna kwam een lange periode aan waarin een weblog alles kon zijn, waarbij iedereen alles op zijn weblog gooide. Een periode van een jaar of tien, denk ik, maar die periode is nu voorbij. Weblogs zijn definitief blogs geworden. Een blog is een website waarop over een specifiek onderwerp wordt geschreven, en de nieuwe stukjes die geplaatst worden, verschijnen bovenop de oude stukjes. En dan herhaal ik: een website waarop over een specifiek onderwerp wordt geschreven. Het blog is uitgekristalliseerd tot het beste wat het kon worden, en daar heeft het elf, twaalf jaar voor nodig gehad.

Elf, twaalf jaar: er zijn culturen waar je op die leeftijd moet bewijzen dat je volwassen bent. Of om het dichter bij huis te zoeken: dan heb je de leeftijd waarop je je begint af te zetten tegen je ouders. Weblogs hebben er een gemiddeld durende onbezorgde jeugd over gedaan volwassen te worden.

Maar internet houdt niet op bij blogs, natuurlijk.

Nieuws, social media, communicatie

Om mijn punt te onderschrijven kan ik er andere voorbeelden met de haren bij gaan slepen. Komt 'ie:

- Websites met nieuws en informatie waren er aanvankelijk om te zenden. Een paar jaar geleden dacht iedereen dat websites door gebruikers gevuld moesten worden (ook een soort communicatie) en dat werd dan web 2.0 genoemd, maar gelukkig is men daarvan teruggekomen: het is niet verkeerd als informatie wordt geleverd door mensen die ergens verstand van hebben. Dat vind ik een volwassen idee. Niet meer mekkeren dat je ook iets te vertellen wilt hebben, maar accepteren dat er mensen zijn die ergens meer verstand van kunnen hebben.

- Social media: tja. Facebook doet hard zijn best jonge gebruikers aan zich te binden door Instagram te kopen, Twitter doet het slecht op de beurs, Google+ wordt nog steeds gezien als een mislukking door veel mensen, hoewel ik daar een volwassen sprankje in zag, laatst, toen ik een stuk las van iemand die zei dat je Google+ als de 'plumbing' van andere voorzieningen moet zien.

- Communicatie is nu vooral: Whatsapp, iMessage, Snapchat (toch?) en aanverwanten. Apps op smartphones die de protocollen van het internet gebruiken om gebruikers met elkaar te laten praten. Email begint voor de jeugd in onbruik te raken: ouderwets, te langzaam, je krijgt geen bliepje op je smartphone als er een berichtje binnenkomt.

Aha: de smartphone.

Beeld: Au Revoir

Op de webredactie waar ik op dit moment zit, gaan we elke ochtend in een kring staan, pakken elkaars handen, en dan zingen we: "Mobile first! Mobile first!" Nah, allemaal gekkigheid, mensen, maar we leren het onszelf wel zo goed mogelijk aan. Als ik naar de statistieken van mijn blog kijk, zie ik dat de helft van mijn bezoekers met iOS of Android komt.

Aangezien er vroeger alleen maar mensen via Windows 95 en Apple OS 9 kwamen, betekent dat een gigantisch stijgende lijn voor het telefoontje, en die stijgende lijn gaat voorlopig niet ophouden. Dus dat malle blog van mij is tegenwoordig responsive, en ik betrap mezelf op diepe zuchten als ik zelf ergens heen duim met mijn iPhone en ik moet pinchen en schuiven om een tekst te kunnen lezen.

Volwassen of dood?

Als contentmaker voor internet huil ik nu al bij de gedachte aan de nieuwe variant van 'above the fold'; webmarketeers van wie een pagina niet mocht scrollen staan op het punt iets nieuws te bedenken om mij te pesten.

Goed, een generatie op internet duurt tien tot twaalf jaar, vind ik dus, en dan zijn we volwassen. Maar: wat betekent dan die volwassenheid van bijvoorbeeld dat weblog nog als je dat weblog op je mobieltje gaat lezen? Een goedgevuld blog met lange lappen tekst, hoeveel bezoekers gaat dat straks nog trekken? Lange verhandelingen op Sargasso op je kleine scherm: ik weet het niet.

We moeten nog ontdekken hoe lang een volwassen periode mag duren op internet. Misschien is volwassen synoniem voor dood. Misschien is er een lange rupsperiode en een korte vlindertijd, op internet. Misschien vindt internet zichzelf opnieuw uit, afhankelijk van de technologie waarop internet woont, dus beginnen we weer bij af. Het is te vroeg daar iets over te zeggen: we zijn pas net de tweede cyclus binnengestapt. En ik moet opletten dat ik die stap ook zet, want anders ben ik een oude man op internet.

Auteur

Walter van den Berg (@vandenb) schreef de romans De hondenkoning en West en recentelijk nog Van dode mannen win je niet. Maar Van den Berg leeft al langer dan vandaag en won in de eerste jaren van het nieuwe millennium drie Bloggies; een inmiddels niet meer bestaande prijs voor de de best geschreven of gemaakte blogs.