Inhoudsopgave
    

Geen gadget zonder ASML
Jody van den Tillaart
door Jody van den Tillaart
leestijd: 5 min

Niemand geloofde er dertig jaar geleden in toen chipmachinemaker ASML begon in een klein noodgebouw. Hoe een Nederlandse startup avant la lettre dankzij doorzettingsvermogen en talent een wereldbedrijf werd.

Als gadgetfan heb je het misschien niet in de gaten en heb je wellicht nog nooit van ASML gehoord, maar ze zijn een hele belangrijke speler in het ontwikkelen van steeds betere apparaten. De kans is heel groot dat je een gadget hebt met chips erin die door de machines van het Veldhovense bedrijf zijn gemaakt. Wat wil je ook, met een marktaandeel van 80 procent?

ASML levert chipmachines aan techbedrijven als Intel, Samsung en TSMC, die op hun beurt het leeuwendeel van de chips in jouw tablet, telefoon en pc maken. De uitdaging ligt in het steeds kleiner maken van de componenten op de chips, opdat ze steeds kleiner, sneller en energiezuinig worden met een grotere opslagcapaciteit. Voor de klanten van ASML zijn steeds betere chips onontbeerlijk om onderling de concurrentie aan te kunnen met steeds betere, snellere en slimmere gadgets. Momenteel ontwikkelt ASML een systeem dat met Extreem Ultra Violet (EUV) werkt, waardoor de details nóg kleiner op de chips zijn aan te brengen.

"Het woord startup gebruikte niemand destijds, je moet ergens beginnen als bedrijf en dat had toen nog geen naam", vertelt Jos Vreeker. Hij werkt al nagenoeg vanaf het begin bij ASML en heeft alle hoeken van het bedrijf gezien: als ingenieur, salesman en nu in de voorlichting over techniek voor kinderen. "We waren een joint venture tussen Philips en ASM International. Philips had de technologie, ASM had de marketing. Maar in het begin had niemand er vertrouwen in."

Eén machine verkocht

Het was 1984, de tijd dat Philips inzag dat ze niet alles zelf moesten produceren (tot en met wc-brillen aan toe), maar dat ze moesten focussen op een paar kernpunten. De chipmachines die ze nodig hadden werden uitbesteed aan het nieuwe ASML. "Het eerste jaar was dramatisch, één machine verkocht. Geen enkel bedrijf wilde ons product, want het was gecompliceerd om van leverancier te wisselen. Ze hadden er niet zoveel vertrouwen in dat we een jaar later nog zouden bestaan en dan zou het weer een heleboel gedoe opleveren voor hen."

De wereld verkeek zich echter op de taaie rakkers van ASML. In een decennium kei- en keihard werken, maakten ze één keer een beetje winst. Maar na jarenlang investeren in innovatie zag het er rooskleuriger uit en nam het vertrouwen van klanten beetje bij beetje toe. Bedrijven als Nikon vormden eerst nog concurrentie, maar nu ASML een marktaandeel van 80 procent heeft verschalkt, valt het wel mee. "Dat betekent niet dat je op je lauweren kunt rusten. Om voorop te blijven lopen moet je blijven innoveren en nog eens innoveren. De werkdruk is hier erg hoog, er wordt veel van mensen gevraagd. De beloning is daar ook naar, maar mensen verdienen het niet voor niets."

Beeld: ASML

'Iedereen wil wat anders'

De branche van chipmachines is een aparte. ASML verkoopt eigenlijk geen enkele machine die hetzelfde is. Iedere grote klant heeft eigen wensen: zo wil Samsung een andere machine dan bijvoorbeeld Intel. "De concurrentie tussen onze klanten maakt het een lastige branche. Je wil niemand bevoordelen ten opzichte van een andere klant. Daarom zijn we daar rechtlijnig in en transparant. Neemt niet weg dat onze klanten wel proberen om voorrang te krijgen, natuurlijk", zegt Vreeker.

In plaats van dat ASML iets aanbiedt wat een klant kan kopen, gaat het dus andersom. ASML maakt wat klanten graag willen hebben. Techbedrijven pushen ASML als het ware om met iets nieuws te komen. Dat betekent dat ze machines moeten leveren, waarvan ze de techniek nog moeten bedenken. Dat is natuurlijk een risicovolle manier van werken. "Er is een enorme wederzijdse afhankelijkheid in onze branche. Daarom hebben we voorgesteld om samen met de klanten te delen in het risico en de winst. Zij investeren mee in onze research and development, omdat ze er zelf belang bij hebben."

De chipmachine-industrie is daarnaast ook zeer conjunctuurgevoelig. "De pieken zijn hoog en de dalen zijn diep. Na de dotcombubble is de bedrijfsstructuur daarom drastisch veranderd. Veel werk wordt uitbesteed, er zijn speciale afspraken met toeleveranciers om klappen samen op te vangen in moeilijkere tijden, terwijl ze in voorspoedige tijden goed beloond worden."

Nog altijd eigenwijs

"We hebben ook deels flexibele arbeidskrachten. En een urenbank voor mensen in de fabriek. Ze werken langere dagen als het druk is, zodat ze in dienst kunnen blijven als het rustiger is. ASML wil natuurlijk ook liever niet dat talent de deur uitgaat als het economisch minder gaat. Het is al moeilijk genoeg om goede mensen te vinden. Maar met deze bedrijfsstructuur hebben dus veel knoppen om aan te draaien. Tijdens de crisis in 2009 hebben we gezien dat het werkt, was het allemaal wat minder voelbaar."

De startuptijd ligt inmiddels ver achter ASML: met wereldwijd 13.000 werknemers in 16 landen, een marktaandeel van 80 procent en elke werkdag een dikke file bij de ingang van het ASML-terrein in Veldhoven. "We zijn groot geworden, bureaucratischer, maar toch nog steeds met het eigenwijze uit de begintijd", zegt Vreeker. "Het hiërarchische van Philips, een bedrijf dat natuurlijk uit een hele andere tijd stamt, hebben we niet overgenomen als spin-off. Je doet hier dingen eerst, voordat je het aan je manager vraagt. Dat is in dertig jaar onveranderd gebleven."

Auteur

Jody van den Tillaart (@jvandentillaart) blogt als freelancer voor Bright over technieuws in het algemeen en startups in het bijzonder. Ze houdt van de verwondering en het enthousiasme die de techindustrie opwekt en interesseert zich voor de sociaal-maatschappelijke consequenties. Woont met vriend, fluffy kater en twee dochters in Eindhoven, de zuidelijke hotspot voor hightech en startups.