Inhoudsopgave
    

Hardcore multicore
Jody van den Tillaart
door Jody van den Tillaart
leestijd: 5 min

We maken chips tegenwoordig sneller door meer cores toe te voegen. Die zijn lastig echt goed te programmeren, maar het Eindhovense Vector Fabrics heeft de moderne computerchip getemd. Dat levert klanten uit de hele wereld op.

Martijn Rutten, Jos van Eijndhoven en Paul Stravers hadden alledrie een goedbetaalde baan bij Philips Research. Ze ontwierpen daar processoren, 'systems on a chip' voor digitale televisie. Ze hadden ideeën over welke kant ze met hun onderzoek uit wilden, maar liepen op tegen een muur van bedrijfspolitiek. Hun wens: een bedrijf starten dat het leven van softwareprogrammeurs beter maakt. In 2007 sprongen ze in het diepe en startten ze samen Vector Fabrics. "Jos was de echte held, want die was 50, had twee studerende kinderen en is thuis de kostwinner. Die nam pas echt risico", herinnert Martijn zich.

Hun droom werd werkelijkheid, want ze maakten een heel slim programma waardoor het veel makkelijker wordt om te programmeren voor multicore processors. Dit parallel programmeren is zo complex, dat de miljoenen regels code voor een mens nog nauwelijks te bevatten zijn. Na zes jaar research en keihard werken hebben ze nu een programma, Pareon. Na sceptische reacties dat wat ze wilden écht niet kon, hebben ze het tegendeel bewezen. En staan op het punt de wereld te veroveren.

Wet van Moore

Tot voor kort verdubbelde de performance van hardware grofweg elke twee jaar. Maar om te blijven voldoen aan het effect van die Wet van Moore, moeten er nu andere trucs worden toegepast. Chips kunnen niet langer steeds sneller worden, we hikken tegen de barrière aan van wat natuurkundig mogelijk is. Om toch steeds snellere computers en telefoons te maken, stoppen fabrikanten verscheidene processoren in één chip in om toch voorop te kunnen lopen. "Maar alleen aan hardware heb je niks", zegt Martijn. "Als de software geen gebruik maakt van wat de hardware biedt, draait de browser op je Galaxy S4 nog even langzaam als altijd. Al stop je er acht processoren in."

Tommy Kamps (achter PC), Paul Stravers, Jos van Eijndhoven (wijzend) en Martijn Rutten. Beeld: Ruud Balk
Tommy Kamps (achter PC), Paul Stravers, Jos van Eijndhoven (wijzend) en Martijn Rutten.

Wil je het sneller maken, dan moet die browser gebruik maken van alle processorkernen in het apparaat. Door de bewerkingen te verspreiden over processoren hoeft een individuele processor niet zo hard te werken. Hiermee wordt je telefoon minder warm en doe je langer met een accu. Maar het is supercomplex om software te schrijven die daarvoor geschikt is. "Je bent maanden aan het ontwikkelen, om er vervolgens achter te komen dat het niet werkt. Terug naar de tekentafel en dan weer drie maanden klussen. Het resultaat: nog steeds geen versnelling." Het programma Pareon, waar Vector Fabrics zes jaar aan gewerkt heeft - en dat nog steeds verder verbeterd wordt - vervangt als het ware al die maanden werk. "Onze tool voorspelt het gedrag van software op hardware. Het is als het ware een glazen bol die je maanden werk bespaart", probeert Martijn in Jip-en-Janneketaal uit te leggen. Het programma analyseert miljoenen regels code. Niet op een statische manier zoals zo veel tools doen, maar in actie via een gedragsanalyse. Zo kan het programma als het ware aanwijzen welke delen van de code beter geparallelliseerd kunnen worden; beter en slimmer verdeeld over verscheidene processoren. Wat eerst onmogelijk leek, kan met Pareon in een namiddag gefixt worden.

Snake oil

"Het was erg moeilijk in het begin om mensen te overtuigen dat het geen onzin is dat we ontwikkelen", kijkt Martijn terug. "Om met een tool parallel programmeren makkelijk en inzichtelijk te maken, dat is zo'n beetje de Holy Grail. Mensen dachten dat we snake oil verkochten." Daarom bedachten de heren dat ze in elk geval één relevante, toonaangevende investeerder aan zich moesten binden. Iemand uit de 'echte wereld' die hen geloofde. "We kwamen uit bij een Georgische investeerder in Silicon Valley, een miljonair met vriendjes en een autoriteit op dit vlak. Na elke paar minuten kwam er een proost, en hoppa, daar ging weer een borrel. Maar hij zag ons wel zitten. De volgende dag hadden we tien angelinvesteerders, konden we mensen aannemen en beginnen aan ons product." (Angelinvesteerders steken durfkapitaal in startups met potentie, red.)

Tommy Kamps, Martijn Rutten, Andrei Terechko (rechts naast Martijn) en Kristian Kolev (voorgrond). Beeld: Ruud Balk
Tommy Kamps, Martijn Rutten, Andrei Terechko (rechts naast Martijn) en Kristian Kolev (voorgrond).

Inmiddels werken er vijftien knappe koppen bij Vector Fabrics. Hoewel je waarschijnlijk nog nooit van het bedrijf gehoord hebt, zijn ze voor programmeertalent een hele toffe werkgever. Diverse engineers sloegen een mooie baan bij Google af om in Eindhoven te gaan werken. Niet zozeer omdat de arbeidsvoorwaarden beter zijn, of omdat er een driesterrenlunch wordt geserveerd in de kantine, maar omdat het werk inhoudelijk moeilijk en uitdagend is. "Als je geld wil verdienen als software-ontwikkelaar, dan ga je wel mobiele appjes maken. Maar uitdaging vind je hier", stelt Martijn. "Ik dacht dat het lastig zou zijn om talent aan ons te binden, maar het tegendeel bleek waar."

Heartbleed

Nadat het nieuws over het Heartbleed-lek op internet naar buiten kwam, kwamen er razendsnel allerlei testprogramma's waarmee je deze bug kon vaststellen. 'Doekjes voor het bloeden', noemt Martijn die. "Ze werken alleen achteraf, als je weet waar je naar moet zoeken. Maar het probleem van de toekomst is dat je juist vooraf gecontroleerd moet hebben op bugs. Kijk bijvoorbeeld naar de bug in de Toyota Prius: hoe slimmer auto's worden, hoe moeilijker de code is en hoe moeilijker het is om bugs vast te stellen."

Op dat vlak ligt er dus nog een wereld van verbetering open. "Met de stap naar multicore introduceer je nog veel meer fouten. Al de interactie tussen stukken software die parallel draaien geeft eindeloos veel combinaties waar je op moet testen. Aangezien onze technologie alles weet van hoe de software zich gedraagt, kunnen we ook dit soort fouten vinden. Dat zetten we dit jaar nog in de markt."

Auteur

Jody van den Tillaart (@jvandentillaart) blogt als freelancer voor Bright over technieuws in het algemeen en startups in het bijzonder. Ze houdt van de verwondering en het enthousiasme die de techindustrie opwekt en interesseert zich voor de sociaal-maatschappelijke consequenties. Woont met vriend, fluffy kater en twee dochters in Eindhoven, de zuidelijke hotspot voor hightech en startups.