Inhoudsopgave
    

Geeks & Glassholes
Erwin van der Zande
door Erwin van der Zande
leestijd: 8 min

Google Glass verschijnt waarschijnlijk deze zomer dan eindelijk op de markt. De gadget die zo tot de verbeelding spreekt heeft zijn magie op mensen niet verloren. De nieuwsgierigheid blijft groot. Maar twee jaar is lang om de hype vast te houden. Misschien wel té lang.

Afgelopen vrijdagmiddag vond in Amsterdam-Noord de tweede Glass Meetup plaats in Nederland. Een kleine honderd man woonde in een bioscoopzaaltje presentaties bij van Explorers, de naam die Google geeft aan het selecte gezelschap mensen dat al een Glass in gebruik heeft, en van Glass developers. Onder het publiek bevonden zich ook een paar dozijn Explorers, waaronder ondergetekende. De sfeer was wat vreemd. De aanwezige Glass-gebruikers en -geinteresseerden lijken zoekende naar een houding. Na alle tumult over privacy en het sociale stigma Glasshole heeft de slimme bril veel van zijn glans verloren. Wat een icoon was van vernieuwing is een gadget geworden zoekende naar een doelgroep.

Het begin was spectaculair. Tijdens de Google I/O developersconferentie in juni 2012 gaf Sergey Brin, de mede-oprichter van Google die zich tegenwoordig vooral bezig houdt met cutting edge technologie in het Google X onderzoekslaboratorium, ter introductie van Glass een demonstratie in de vorm van een Hangout-verbinding met een groep skydivers die hoog boven het conferentiecentrum uit een vliegtuig sprongen. We konden live hun uitzicht zien tot aan de landing op het dak. De toekomst was terug, de 21ste eeuw was nu echt begonnen.

Glass was echter nog niet verkrijgbaar. Sterker, de bril was nog in ontwikkeling. In tegenstelling tot Apple, dat aankondiging en beschikbaarheid altijd nauw op elkaar aansluit, is de traditie bij Google, developersnest bij uitstek, om beta’s vrij te geven. Maar in plaats van vrijgeven hanteerde Google bij Glass een soort ballotage. De eerste brillen arriveerden in februari 2012 bij een kleine groep Amerikanen, slechts een paar duizend man in totaal. Veelal creatieven die in de maanden ervoor Google hadden moeten overtuigen waarom uitgerekend zij een Glass verdienden. Nou ja, verdienden, mochten kopen. Voor 1500 dollar. Een fiks bedrag voor een bril die naar schatting slechts tussen de 150 en 200 dollar kost om te maken. Het prijskaartje droeg bij aan de onbereikbaarheid.

Win een Google Glass

Mijn eerste Glass experience was rond deze tijd vorig jaar toen ik het exemplaar van de Amerikaanse techblogger Robert Scoble even op kreeg, een Explorer van het eerste uur die over zijn ervaringen sprak op The Next Web conferentie in Amsterdam. Sinds januari heb ik er zelf een. Dat ben ik aan mijn stand als techwatcher verplicht. We zullen bij Bright om die reden ook, als eerste in Nederland, een Glass verloten onder alle bestaande én nieuwe Bright Bunch-leden en Ideas-abonnees. Je hoeft er niks voor te doen behalve abonnee zijn of worden. Op 1 juni maken we de winnaar bekend.

Ik gebruik m’n Glass eerlijk gezegd amper. Het is een noviteit, buiten kijf, maar heel praktisch is de bril niet. Scoble, die ongewild uitgroeide tot een evangelist, vatte de tekortkomingen van het apparaat eind vorig jaar goed samen. Allereerst heeft de bril heeft een handleiding nodig, of op z’n minst een korte demonstratie hoe ie werkt. Dat maakt de bril lastig te verkopen. Vervolgens zijn er veel te weinig apps voor Glass. Dat heeft uiteraard te maken met de beperkte beschikbaarheid van de bril. Waarom een app maken voor de happy few? Maar zelfs als er veel apps zouden zijn, dan leent de userinterface, waarbij je langs elke app, foto en notificatie moet swipen, zich er niet voor. Vervolgens de batterijduur. Die is dramatisch. Als je filmt dan is de batterij al na drie kwartier leeg.

Foto’s maken is de beste toepassing van Glass. Met de bril maak je makkelijker en sneller een foto - de kwaliteit is met 5 mp overigens best oké - dan zeg met een smartwatch en zelfs een smartphone. De verwerking van die foto’s is op een Glass helaas heel beperkt. Het kiezen van de beste foto en het meegeven van een bijschrift, voor op Instagram bijvoorbeeld, gaat op een smartphone vele malen eenvoudiger.

Bovenal is de Glass helemaal niet zo slim. Scoble vraagt zich waarom Glass hem tweets toont terwijl hij op een podium staat. Waarom de bril zich tijdens meetings niet nuttiger opstelt, als een soort souffleur. Of aanbiedingen toont wanneer hij in een winkelcentrum loopt. Zulke diensten zijn nog ontwikkeling maar je verlangt zulke contextgevoeligheid vandaag al. Tot slot denkt hij dat de verwachtingen gewoon te hoog zijn gespannen. Glass is overduidelijk een beta-product, niet de tweede komst van de messias.

Beeld: Berto Martinez

De komst van de Glasshole liet niet zo lang op zich wachten. Wat misschien begon met afgunst sloeg om in aversie, te beginnen in Silicon Valley, de thuisbasis van Google en vele andere techbedrijven. In de regio is men de nerds die met hun skills goed geld verdienen en een Glass dragen als technologisch superieur statussymbool beu. Zorgen over privacy, veelal geboren uit onwetendheid over hoe de bril precies werkt, deden olie op het vuur en de Glasshole was geboren.

De gevatte scheldnaam ontstond na een stuk van blogger Adrian Chen op Gawker waarin hij het sentiment treffend omschrijft:

“People who wear Google Glass in public are assholes. Wearing Google Glass is functionally the same as living with a smart phone held constantly at eye-level. I've never seen it done, but I think most of us would be comfortable labeling anyone who walked around holding their smart phone at eye-level an asshole, and not just because it looks even stupider than Glass. The smartphone eye-level guy is an asshole because most of us 1) value the undistracted attention of those we're speaking to and 2) don't like to be filmed or photographed without our knowledge. If you come up to me with a smartphone held at eye level and demand that I interact with you like you're not being an asshole, you are an asshole. You are demanding social interaction on your wholly weird and unsettling terms. This does not change if the smartphone is tiny and strapped to your eye and made by Google. In fact, you thinking that this excuses your asshole behavior just makes you that much more of an asshole.”

Gadget non grata

De aversie slaat inmiddels soms ook door naar agressie. In en rond San Francisco dook voor het eerst deurbeleid op tegen de bril en zijn de eerste aangiftes gedaan van Glass-dragers die waren gemolesteerd in cafés en clubs. Op South by South West dit jaar, het mediafestival in Austin waar elk jaar meer hippe techies naartoe trekken, was de Glass dit jaar bijkans gadget non grata, terwijl twee jaar geleden iedereen er mee weg liep. Google voelde zich eerder dit jaar genoodzaakt een Glass-etiquette voor te schrijven. Het momentum lijkt ze te ontglippen. (Voor zover dat helemaal waar is, heeft Google momentum herovert met de aankondiging van Android Wear, zoals valt te lezen in Floris’ stuk Fuck Fitness.) Het bedrijf houdt overigens onverminderd koers en kondigde vorige week een samenwerking aan met de Luxottica Group, de grootste maker van brillen ter wereld, om monturen op de markt te brengen voor Google. Denk aan een Rayban-zonnebril met Glass-functionaliteit.

De rebound is begrijpelijk maar net zo overtrokken als de hype na de aankondiging. En ook deels onterecht. Het mag evident zijn dat de smartphone niet het eindstation is voor mobiele communicatie-apparaten. Dat wearables veel potentie hebben. Dat er diverse professionele toepassingen zijn te bedenken, zoals in de gezondheidszorg, beveiliging en de journalistiek, waarbij een Glass of iets wat erop lijkt een uitkomst is. Of Glass in zijn huidige vorm een gadget is voor dagelijks gebruik voor een breed publiek valt echter te betwijfelen. Juist omdat Glass eyewear is, letterlijk en figuurlijk een opzichtige vorm, zal hij niet voor iedereen interessant of wenselijk zijn. Zelfs niet als een Glass dadelijk misschien maar tweehonderd euro kost.

Ik moet vaak terugdenken aan de eerste mobiele telefoons. Een hoorn met een oplader eronder ter grootte van een koelbox. De eerste gebruikers waren foute patsers die de gewoonte hadden iedereen van hun nieuwe speeltje te laten meegenieten door hardop in het openbaar een telefoongesprek te voeren. Men vond het destijds bespottelijk. En kijk dan waar we nu staan. Mag je hieruit de vreemde conclusie trekken dat we klootzakken nodig hebben om verandering op gang te helpen? Nee, dat lijkt me eerder toevallig. Feit is wel dat een wearable in de vorm van een bril een sociale dimensie opent die de technologie in beginsel helemaal niet wil aanspreken. Wearables willen juist heel individueel zijn en intiem, terwijl Glass nogal in your face is. Bij de drager en voor iedereen om je heen.

We gaan het zien.

Auteur

Erwin van der Zande (@evdz) is de bedenker en hoofdredacteur van Bright. Hij heeft een zwak voor tech en een neus voor trends. Erwin woont in Amsterdam samen met vijf vrouwen: zijn vriendin, hun dochters en twee poezen.